Deze Zondag Deze Zondag
Over de dienst op 2 januari

Zo kort na Kerst en Oud en Nieuw komt een aantal lijnen bij elkaar. Bijbels, theologisch en liturgisch. Na overleg met ds. Elseman, die op 9 januari voorgaat, koos ik ervoor om zowel te lezen over de wijzen uit het Oosten als over het vervolg, het relaas van de vlucht van Jozef,  Maria en Jezus naar Egypte en de kindermoord in Bethlehem die daarop volgt. Een combinatie dus van het hoogfeest van Epifanie, dat op 6 januari valt en dat in de Oosterse kerk het eigenlijke Kerstfeest vormt en de dag van de ‘onnozele kinderen’, die op 28 december staat. Daarmee staan we stil bij de dubbelheid van de betekenis van Kerstmis. Het is enerzijds een feest van verwondering om wat God in het verborgene aan grootsheid verricht en dat aan heel de wereld wordt geopenbaard: zie de magiërs uit het Oosten die Jezus komen huldigen als een prins. En anderzijds geeft Kerst dus ook te denken over de kwetsbaarheid waarmee hij in de wereld komt. Meteen al verkeert Jezus, het kind dat ‘God redt’ heet, in levensgevaar. Net op tijd ontkomt hij met zijn ouders aan de grijphanden van koning Herodes, een bange man die naar erkenning en macht hongert. Hij beveelt de ‘onnozele kinderen’ van Bethlehem om het leven te brengen.
Zo kort na Kerstmis worden wij dus alweer uit de verleiding weggeroepen om te blijven mijmeren over Kerst en krijgen wij reden tot ontzetting. Matteüs preludeert ermee op het lijdensverhaal en schetst het begin van Jezus’ leven tegen de achtergrond van de geschiedenis van zijn volk: hij is als Mozes en Herodes is als de wrede farao. De traditie leest het verhaal van de aanbidding door de wijzen, dat bij Matteüs eerst komt, later dan het verhaal over de kindermoord. Zit daarin misschien nóg een parallel met Pasen? De adoratie als een verwijzing naar de opstanding van Christus? Ik houd er terdege rekening mee. De vernederde is tegelijk de verhoogde. In ons geloof moeten wij leren om te gaan met paradoxen. Misschien helpt oefening daarin ook bij het uithouden van de spanningen tussen onze hoopvolle verwachtingen van een wereld vol gerechtigheid die ons is aangezegd en de realiteit van een wereld vol onrecht waarin wij leven en waarin zovelen lijden. En bij het komen tot daden van gerechtigheid, die het leven helpen sterken en bewaren.

Erwin de Fouw


 
terug