Deze Zondag

Deze Zondag
Vergeving

We leven in tijden van blaming en shaming, zo lijkt het. Het zal ongetwijfeld te maken hebben met de buitenproportionele eisen die wij aan onszelf en aan anderen zijn gaan stellen. Een overspannen werk- en leefklimaat zorgt ervoor dat wij elkaar voortdurend de maat nemen of juist zelf ontsporen. Tegelijk worden fouten, misstappen, onheus gedrag genadeloos afgestraft. Daarachter schuilt het waanidee dat het leven ‘kreukelloos’ zou kunnen zijn. En dat wij allemaal moeten passen in de perfecte mal waarin wij onszelf en anderen persen. Zoals de gebitjes van onze pubers allemaal in een perfecte vorm gegoten moeten worden, zo ook ons leven. En het gevolg is dat er voor vergeving en mildheid nauwelijks meer plaats is. ‘Vergeving’ is een zeldzaam fenomeen geworden. Ook in bepaalde delen van de kerk is dit kind met veel orthodox badwater weggespoeld. Maar een samenleving waarin vergeving niet meer wordt gekend en geoefend, daar is kortsluiting aan de orde van de dag. Zowel maatschappelijk als persoonlijk.

Als de aartsvader Jakob is gestorven en begraven komt ineens bij de broeders van Jozef de angst weer bovendrijven. Nu vader dood is, vrezen ze opnieuw voor wraak vanwege wat zij jaren geleden hebben misdaan. Terwijl Jozef nog zo had gezegd dat het kwade ten goede was gekeerd en er opnieuw begonnen kon worden, is de angst voor vergelding blijven liggen op de bodem van hun ziel.

Hoe kan het verleden toch een mens achtervolgen! Ook al is alles uitgesproken en is vergeving aangezegd? Het verhaal van Jozef geeft het op een indrukwekkende manier taal. Zo gaat dat dus tussen mensen. Je denkt verder te kunnen met elkaar en met jezelf en ineens is dat geschonden verleden daar weer. ‘Vrees niet!’, zo zegt Jozef opnieuw, ‘God heeft het omgerekend ten goede…’. En daarmee troost hij hen. Opdat zij verder kunnen.

Over die troost in hooggespannen tijden gaat het op de zondag van de eerste advent. Met natuurlijk dat woord van de profeet erbij. Ruimte voor vergeving en opnieuw beginnen. We vieren het aan de tafel van de uittocht waarvan de kist van Jozef een teken is. Opdat er geweten wordt van een uitweg uit alles wat ons belast.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag

Niet tevergeefs

Waar hebben mensen het meeste spijt van op hun sterfbed? De Australische Bronnie Ware was jarenlang verpleegkundige in een hospice en hoorde dagelijks steeds dezelfde dingen waar mensen in de laatste fase van hun leven spijt van hadden. Ze schreef erover in het veelgelezen boek The Five Regrets of the Dying. Bovenaan het lijstje staat de spijt over een leven dat vooral wilde voldoen aan de verwachtingen van anderen. Waar de meeste mensen ook spijt van hebben is dat ze te hard hebben gewerkt en veel te weinig hun vriendschappen hebben gekoesterd. Of dat er te weinig gesproken is over gevoelens, wat werkelijk aan het hart gaat, wat echt belangrijk is. Bronnie Ware ziet deze spijtbetuigingen als een wake up call voor het leven.

Misschien is dat deze zondag het verhaal over de dood van de oude vader Jakob ook wel. Hij is afgedaald naar Egypte vanwege zijn zoon Jozef. Die maakte dat doodsland tot een land van brood en zorgde voor leven in magere jaren. Maar vader Jakob voelt dat hij gaat sterven. En wil zijn laatste woorden graag met Jozef delen. Laatste woorden op een sterfbed. Wat een zegen als die er nog kunnen zijn. En wat hard en onaf als het daaraan moet ontbreken.

lees meer »
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Eneas en Tabita

Onze tijd lijdt aan verlammingsverschijnselen. Je merkt het op alle fronten. Door grote onzekerheid over de toekomst schieten we met z’n allen in een kramp. Of het nu gaat om de gevolgen van die almaar voortdurende oorlog, de schrikbarende toestanden rond Ter Apel, de impasse rond de landbouwsector of het ontbreken van moed om structurele veranderingen door te voeren waar deze crisis juist nu om vraagt. En verlamming heeft te maken met angst. Angst misschien wel om te moeten verliezen wat je hebt of waar je zeker van bent. Angst om bekende en veilige kaders te doorbreken. Ook in ons vaak eenzame individuele leven speelt die verlamming ons parten. Met als gevolg dat we stil komen te staan en afwachten zonder zelf in actie te komen.

Aanstaande zondag klinken er twee namen. Eneas, genoemd naar de Trojaanse held die van Troje naar Rome zwierf, is verlamd. Hij ligt al meer dan zeven jaar op zijn bed. Hij kan geen kant op. Zijn rusteloze bestaan is geëindigd in een verlamming. In deze Trojaanse held gaat het om een verlamde wereld. Vastgeklonken aan structuren waar op geen enkele manier meer uitgebroken kan worden.

En even verderop ligt Tabita. De kerk is haar Hebreeuwse naam vergeten en noemt haar Dorkas. Een vrouw die laat zien dat deze wereld anders kan. Toonbeeld van goede daden. Aangeraakt door het visioen van de onmogelijke mogelijkheid. Maar Tabita is dood. Er zit geen leven meer in. Het is de kerk op zijn eind. Zij heeft geen woord meer voor die verlamde wereld van Eneas.

Eneas en Tabita: een verlamde wereld en een ten dode opgeschreven kerk. Maar als de apostel Petrus zijn eerste stappen zet in de richting van die woelige volkerenwereld treft hij deze twee mensen aan. Eneas en Tabita. En door zijn verschijning gebeurt er wat. Deze twee vastgeklonken mensen worden verbonden met de opstandingskracht van Jezus. Leven breekt door gesloten kerkers. Waar verlamming is, daagt opstanding en waar doodsheid het einde lijkt, breekt nieuw leven aan.

Ondenkbaar natuurlijk. Maar hoe mooi als ook wij daardoor worden aangeraakt.

We hopen het mee te maken aanstaande zondag. Met voor het eerst onze nieuwe cantor-organist Henny Visscher. En een hele club tieners die na de dienst de zomer vaarwel gaan bowlen.

Dat de Paasgeest maar weer mag gaan waaien!

Ad van Nieuwpoort


 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Wat gebeurt er als iemand uit zijn veilige en bekende hokje breekt? Zijn baan opzegt? Een andere koers gaat varen? Hij kan meestal niet meteen op applaus van zijn omgeving rekenen. Als iemand kiest voor een andere weg dan roept dat bij de achterblijvers vaak grote weerstand op. Het zet namelijk een groot vraagteken bij wat wij allemaal zo vanzelfsprekend zijn gaan vinden. Het opent een uitweg naar verandering. En dat is eng en maakt vaak onzeker.

Het bijbelverhaal rekent er telkens weer mee dat deze wereld wel degelijk anders kan. Beter. Menselijker. Het is één groot verhaal tegen het geloof in het lot en dat de dingen nu eenmaal gaan zoals ze gaan. De Saulus die ten grondslag ligt aan de grote Paulus is daar een mooi voorbeeld van. In zijn leven voltrekt zich een Copernicaanse wending. Van een geharnaste Jezusbestrijder wordt hij een ‘mens van de weg’. Hij komt erachter dat hij zijn leven lang zijn eigen bevrijding in de weg heeft gezeten. Op weg naar Damascus wordt hij van zijn in beton gegoten bubbel bevrijd. Een bevrijding die grote weerstand oproept. Niet alleen bij zijn oude kornuiten, maar ook bij de gemeenschap van die nieuwe weg.

Iedereen lijk in opstand te komen tegen de bevrijding van Saulus. Van Damascus wordt een gesloten Jericho gemaakt: niemand kan er meer uit en niemand kan er meer in. Een ommuurde vesting van schijnzekerheden. En de grote Saulus/Paulus moet in de nacht in een mandje over de opgeworpen muren naar beneden gelaten worden. Zijn weg moet vanuit Jeruzalem opnieuw beginnen.

Ondanks alle weerstand zet de bevrijding zich door. Daar getuigt de evangelist van. Op tal van plaatsen worden mensen wakker geschud en ontdekken voor het eerst wat echt bevrijd leven is. De ekklesia wordt tot een plaats van ware troost. Er waait een geest die al ons cynisme, ons aanschurken bij tijdgeesten, onze angsten en ons verdriet verdrijft. Hard nodig in deze crisistijden.
Aanstaande zondag gaan we er weer mee aan de slag. Ik zie ernaar uit u weer te kunnen begroeten.

Aanstaande zondag gaan we er weer mee aan de slag. Ik zie ernaar uit u weer te kunnen begroeten.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag Deze Zondag

De lezingen in deze dienst zijn gekozen uit het oecumenisch leesrooster De eerste Dag. Een uitgave van de Raad van Kerken in Nederland.  Een rooster dat wat de Evangelielezingen betreft gebaseerd is op het wereldwijde RK lectionarium, het Oud Katholieke lectionarium en de Lutherse traditie. Daarnaast wordt er ook ruime aandacht gegeven aan het Oude Testament. In deze periode zijn in het Rooster voortgaande lezingen uit het Evangelie van Lukas.

Het volgen van zo’n rooster  stimuleert verbondenheid van christenen van verschillende kleur met elkaar. Het besef dat christenen overal in ons land in kerken van verschillende kleur naar dezelfde Bijbelverhalen luisteren, geeft een gevoel van verbondenheid. En zeker in een tijd van teruglopende kerkelijkheid is zo’n gevoel van verbondenheid bemoedigend, troostend en hoopgevend.

Zo volgen we in Lukas, Jezus op zijn weg naar het Koninkrijk, dat hij verkondigt als perspectief van ons leven en samenleven en waarin de humaniteit tot volle ontplooiing zal komen. Door zo’n rooster word je meegenomen op die weg. Maar soms stokt het en wil je eigenlijk niet verder. Je struikelt over teksten, die onaangenaam zijn en waarvan je niet weet, wat je ermee aan moet. Je wil niet verder. Zo’n tekst komt vandaag aan de orde in de lezing van Lukas. Lukas laat Jezus hier zeggen: als je je familie en je leven niet haat, dan kun je geen goede leerling zijn. De NBV21 heeft het woord “haten” weg vertaald en verzacht tot “breken” met je familie. Maar er staat toch echt “haten” en daar mogen we niet over heen lezen, maar ons afvragen wat Lukas daarmee beoogt. Want “haten” is toch alleen maar een vernietigende kracht, een blinde kracht, die geen oog heeft voor liefde en ontferming. En dat staat toch haaks op het evangelie van Gods liefde en Genade?  Wat moeten we daar in Gods Naam mee aan. Daarover zal het gaan in de uitleg en verkondiging op deze zondag. 

Olivier Elseman  

 
Deze Zondag

Deze Zondag
Dromen voor magere tijden

Durven we nog te dromen tegen de werkelijkheid in? Onze agenda voor de komende winter staat bol van zorgen. Hoe zal het gaan met onze energievoorraden? Hoeveel nieuwe armoede zal aan het licht komen? Hoeveel faillissementen staan er op stapel? Zal Europa haar rug recht kunnen houden tegen een agressor die enkel op verdeeldheid uit is? Ook in ons persoonlijk leven merken we het nu al. ‘Eerst maar eens zien hoe we de winter doorkomen’, zei van de week iemand die zijn plannen voor zijn toekomst in de ijskast zette. In onzekere tijden zet je liever geen nieuwe stappen en hoop je te houden wat je hebt. Als je tenminste aan de goede kant van de wereld woont. In zo’n tijd komt de droom in de knel. Eenvoudigweg omdat daar geen ruimte voor is.

In het verhaal van Jozef wordt gedroomd. Niemand zit erop te wachten. Zijn broeders worden bezet door het conflict met elkaar. Zijn bezig met hun survival of the fittest. Ze staan voor een verdeelde wereld, gevangen in onmin en haat. De broederschap is ver te zoeken. De ander wordt niet als naaste gezien, maar als tegenspeler, als bedreiging. En te midden van die spanningen staat er eentje op die boven zichzelf uit droomt. Heel ergerlijk. Hij heeft nog een koningsmanteltje om ook. Wat denkt hij wel niet?

Maar wie het verhaal een beetje kent, weet dat Jozef de grote verschilmaker zal blijken te zijn. Hij die het land van de dood zal weten om te vormen tot een land van leven. Een land dat in staat zal blijken de magere crisisjaren aan te kunnen. Een bron van leven voor een hongerende wereld. Een land waar broederschap kan worden hervonden. Hij droomt ervan zonder dat hij er om gevraagd heeft. Hem wordt een toekomstperspectief geschonken waar niemand aan wil. Hij roept de haat van zijn broeders over zich af. En daarom wordt hij net als Jezus in de put van de dood geworpen.

Maar het mooie is: zijn droom kan niet ongedaan gemaakt worden. Die zet zich door ondanks alle weerstand. Daarover gaat het de komende weken. En het mooie is dat ook in onze Duinzichtkerk er zomaar weer zo’n zeven mensen opstaan die hun tijd willen geven aan die droom. Heel bemoedigend. We gaan het vieren op onze gemeentezondag. Met de ontroerende droomliedjes van Niki Jacobs en een feestelijke lunch op ons zonnige kerkplein.

Om die droom wakker te houden, daarom. Kome wat komt!

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Grenzen aan de groei

‘De roeping van de mens is mens te zijn’, zo schreef Multatuli ooit. Maar een mens word je niet zomaar. Er is van alles in ons bestaan en in onze wereld dat ons verhindert om optimaal te worden die we zijn. Tal van omstandigheden kunnen onze menswording blokkeren. Ook het idee dat we almaar groter zouden moeten worden en succesvoller kan onze menswording ernstig bedreigen. Zeker, de bedoeling van een mens is niet dat hij/zij klein blijft, maar dat hij/zij groot wordt. Maar als hij vervalt in grenzeloosheid, dan is het gedaan met de mens en de menselijkheid. De humaniteit is gebaat bij grenzen aan de groei.

In het verhaal van Jozef gaat het ook over menswording. De bijbel noemt dat het ‘groot worden van de gezegende’. In zijn menswording gaat het alleen niet om individuele groei, maar om het groot worden ten bate van de menselijkheid. Jozef wordt groot niet ten koste van zijn medemensen maar ten bate van de broederschap die in geen velden of wegen te bekennen is. En om die broederschap te kunnen dienen zal hij moeten ontdekken dat er een grens is aan de groei.

Het denken in termen van ‘The sky is the limit’, heeft destructief uitgewerkt, zo zien wij deze dagen op tal van fronten. Op de eerste bladzijden van de bijbel wordt er ook al voor gewaarschuwd. En daarom begint het verhaal van Jozef ook in die put. Om hem te laten ontdekken dat zijn leven niet maakbaar is. Dat hij ten diepste een kwetsbaar mensje is dat zonder een ander tot niets in staat is. Daarom moet hij eerst de doodsheid van het bestaan achter zich laten en ontdekken dat er een vreemde naam is die hem draagt. Met vier onuitsprekelijke medeklinkers wordt die naam aangeduid. Iemand die zegt: ‘Ik ben met jou. Jij bent niet bedoeld voor de put, maar voor het leven’. Die naam maakt dat Jozef ontdekt dat zijn ‘grootworden’ heilzaam begrensd is.

In dat verhaal gaan we aanstaande zondag Carmen van Oord onderdompelen. We halen haar door de put heen, om haar net als Jozef te laten proeven dat haar leven gedragen wordt door iemand die wil dat zij wordt wie zij is. Een teken van leven en menselijkheid in een wereld vol dreiging.

Opdat wij onszelf allemaal leren ontdekken in die Jozef die afdaalde in het doodsland om ons het leven te bereiden.

Ad van Nieuwpoort
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Gestolen zielen

Hoe gaat het nu echt met je? Durf je in onze zogenaamd gelukkige insta-wereld daar nog een eerlijk antwoord op te geven? In de praktijk blijkt dat heel ingewikkeld. Met name meisjes in het voortgezet onderwijs worstelen ermee, zo toont ook recent onderzoek weer aan. We willen niet ongelukkig, verdrietig en neerslachtig overkomen. Want voor je het weet, lig je eruit. Doe je niet meer mee. ‘Dat is onze echte pandemie’, zo twitterde laatst een bekend psychiater. Maar wil die vertrouwde ruimte gevoeld worden, moet er wel iemand zijn die echt luistert, die met je begaan is. Die aandacht heeft voor wat er allemaal op de bodem van je ziel ligt aan vragen, mislukkingen, angsten, twijfels en onzekerheden.

Jozef is zo iemand. In de donkere kerkers van de angst en de willekeur, pakt hij zijn rol. Hij is immers de gezegende. Hij kan licht aansteken daar waar duisternis het laatste woord lijkt te hebben. ‘JHWH is met hem’, zo staat er te lezen. En dat merk je. Jozef ziet ze zitten, zij die het slachtoffer werden van willekeur van de macht. Hij treft ze aan en gaat niet aan hen voorbij, maar vraagt verder. ‘Waarom staat jullie gezicht zo somber vandaag?’

De schenker en de bakker. Ze representeren twee type mensen in het rijk van de angst. De ene is bezig zijn taak zo goed mogelijk te volbrengen. De ander is vooral bezig met zichzelf, zo lijkt het. Wij zijn het natuurlijk allebei. Maar zoals Primo Levi het zo aangrijpend beschrijft, is er in de hel geen sprake meer van goed of fout. In de hel blijven er maar twee soorten mens over. Zij die het redden en zij die het niet redden.

De schenker en de bakker zijn in de kerkers van de angst niet alleen. Er is iemand die hun bestaan uitlegt. En daarmee ook zelf op de proppen komt met wat hem bezet. ‘Gestolen ben ik’ zo zegt Jozef. Ze hebben mijn ziel gestolen. We zien het vandaag op vele fronten: gestolen zielen. Hoe zullen ze weer teruggebracht worden? Daarover gaat het verhaal.

Aanstaande zondag brengt Jozef ons weer samen. In tijden die we wel zo langzamerhand mager kunnen noemen. Hard nodig dus. Al was het maar om onze ziel weer wat terug te vinden.

Ad van Nieuwpoort
 
Deze Zondag

Deze Zondag

Brood in magere jaren

De voedselbanken kunnen deze dagen de vraag nauwelijks meer aan, zo blijkt. Nog niet eerder hebben zich zoveel gezinnen aangemeld voor steun. En dan te bedenken dat de winter nog moet komen. Het worden magere jaren, zoveel lijkt duidelijk. De tijd dat we vanzelfsprekend op warmte, licht en water konden rekenen is definitief voorbij. Op alle fronten heerst onzekerheid. Want magere jaren merk je niet alleen in je boodschappenkarretje maar merk je ook aan je hoofd en aan je hart. Merk je ook aan de stemming in de samenleving, aan de stemming in je vrienden- en familiekring. In magere jaren is het lastiger om te doen alsof. In magere jaren komen de kale plekken van onze samenleving aan het licht. En we kijken om ons heen en vragen ons af wie ons verder kan helpen. Wie onze voorganger is. Je mag toch hopen dat dit niet alleen Johan Remkes is.

De term ‘magere jaren’ komt uit het beroemde verhaal van Jozef. Het is het verhaal waarin de tiran van Egypte een nachtmerrie heeft. Hij droomt dat alles wat zo lekker liep, stukloopt. Hij droomt dat hij de regie kwijtraakt. Hij schrikt wakker en smacht naar duiding. Naar iemand die kan uitleggen wat er gebeurt. Maar niemand durft. Niemand waagt het. Voor je het weet, wordt je kop er afgehakt. Dat moet je niet willen.

Maar dan valt de naam van die Hebreeër. Er is iemand in dat donkere angstland die misschien een uitweg kan bieden. Iemand die wegen kan wijzen die niemand ziet en niemand aandurft. De slaafgemaakte Jozef wordt uit de put gehaald, gewassen, aangekleed en bij de tiran gebracht. Jozef luistert naar de droom en schrikt er niet voor terug de waarheid te benoemen. Het lijkt allemaal wel zo geweldig te gaan, maar er komen magere jaren. Honger is op komst en wanhoop. En het enige wat je kunt doen, is je goed toerusten om dat aan te kunnen.

Voorraadschuren moeten er komen. Voedsel voor lijf en ziel moet gespaard. De oude verhalen moeten weer worden verteld. Verhalen die gaan over liefde sterk als de dood. Tegengif tegen machteloosheid en cynisme. Jozef wijst de weg. Brood is meer dan om te eten. Brood is in de Bijbel tevens beeld van liefde die mensen op hun benen zet.

We gaan het zondag vieren. Met nota bene de liefde van twee mensen die in magere jaren elkaar gevonden hebben als brood voor het leven. Een huwelijksdienst op zondagochtend. Voor mij voor het eerst. Maar wat een feest. Onze vaak lege voorraadschuren smachten ernaar. Met Merel Naomi Brouwer aan de harp en liedjes van hoop moet het gaan lukken.

Ad van Nieuwpoort

 
Deze Zondag

Deze Zondag
Stem in de nacht

Het zijn barre tijden. Dagelijks worden wij geconfronteerd met sombere berichten: vluchtelingen zonder fatsoenlijk onderkomen, zorgen over de continuïteit van de energievoorziening, de torenhoge inflatie en de voortwoekerende oorlog in Oekraïne. Om nog maar te zwijgen over al die berichten over grensoverschrijdend gedrag en machtsmisbruik. ‘God lijkt wel heel ver weg te zijn’, verzuchtte laatst een gesprekspartner. Het kan soms inderdaad lastig zijn om in deze stortvloed van negatieve berichtgeving lichtpunten te ontdekken.

Ook voor Eli – een oude priester die verbonden is aan de tempel te Silo – zijn het moeilijke tijden. Zijn twee zonen gedragen zich schandalig en maken misbruik van de rechten die aan het priesterambt verbonden zijn. Het is een barre, lege tijd. De ogen van Eli zijn dof en zijn zicht is slecht. Het is alsof de ogen van de oude priester de sombere situatie symboliseren.
En God lijkt te zwijgen….

Maar dan klinkt er uit het niets – in de stilte van de nacht – een stem. Het is de stem van de Eeuwige die roept. Niet Eli wordt geroepen, maar een jongen die als klein kind door zijn moeder naar de tempel is gebracht om God te dienen. Zijn naam is Samuel – een naam waarin de Hebreeuwse woorden voor ‘horen’, ‘naam’ en ‘God’ doorklinken.

In donkere tijden hoort Samuel tot driemaal toe Gods stem, om uiteindelijk gehoor te geven aan deze roeping en te zeggen: ‘Hier ben ik’.

Komende zondag gaan we luisteren naar dit verhaal over Gods stem die klinkt in de nacht en hopen we zelf ook die Stem te horen, licht te ervaren en – wie weet – ook onze roeping te vinden!

ds Charlotte van der Leest
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag

Niet van brood alleen…

Nog niet zo lang geleden kwam de Koreaans-Duitse filosoof  Byung-Chul Han met zijn essay getiteld ‘De vermoeide samenleving’. Een titel die mij blijvend intrigeert. En misschien is dit essay deze dagen wel actueler dan ooit. De oorzaak van deze vermoeidheid zou nog weleens gevonden kunnen worden in het feit dat er nauwelijks meer sprake is van een samenleving. We zijn zo langzamerhand een optelsom van individuele eilandjes geworden met het idee dat wij onszelf zouden moeten kunnen redden. Met alle gevolgen van dien. Juist ook in magere jaren breekt ons dat op. Want we redden het niet alleen. We hebben elkaar nodig. Dat was ook al zo toen we in overvloed leken te leven, maar dat is nu helemaal het geval. De oververmoeide en onbereikbare eilandjes die we geworden zijn, lijken echter nauwelijks meer te kunnen denken in een ‘samen’. Terwijl het er juist nu zo op aankomt.

Het systeem van groei en vruchtbaarheid is vastgelopen, zo gaat het verhaal van Jozef. Het werkt niet meer. Er komt geen water meer uit de kraan. De pinautomaten doen het niet meer. En brood is nergens meer te koop. De Egyptenaren schreeuwen van de honger. En heel de aarde schreeuwt met hen mee. De almachtige, als een god vereerde Farao kan niets meer. Hij kan alleen maar iets als het goed gaat. Nu kan hij slechts van zich afwijzen naar die Hebreeuwse slaaf Jozef. Jozef heeft ervoor gezorgd dat de voorraadschuren goed gevuld zijn. En zo komt heel de hongerende aarde naar Jozef. Hij is de enige die weet hoe je overeind blijft in magere jaren.

Maar alleen met brood redden we het niet. In de bijbel is brood dat niet gebroken en gedeeld wordt geen echt brood. We kunnen misschien wel denken dat we het op ons oververmoeide eilandje in ons eentje kunnen redden, maar het werkt niet. We hebben elkaar nodig. We hebben mensen nodig die medemensen willen worden. Zonen die broeders worden en dochters die zusters worden. En daarom moeten die broers van Jozef in beweging komen. Zij moeten gaan ontdekken dat het geheim van het leven niet de verkokerde individualiteit is maar de gemeenschap, het samen.

Ze dalen af naar Jozef, zonder dat ze het in de gaten hebben. Ze vinden niet alleen brood, maar ook degene die ze het liefst uit de weg hadden geruimd. Ze moeten ontdekken dat brood zonder broederschap niet te eten is. Ze worden uitgedaagd om uit hun verkokerde bestaan te treden en hun verloren broeder in de ogen te zien. Doodeng. Maar zo bevrijdend.

Aanstaande zondag oefenen wij dit verhaal met matses en wijn. Kijken of we het nog kunnen. Opdat we van vermoeide eilandjes worden tot medemensen.

Ad van Nieuwpoort

 
Deze Zondag Deze Zondag

Moed

Ons land is op weg naar 18 miljoen inwoners. De toename in het afgelopen jaar is grotendeels te verklaren uit de komst van de vluchtelingen uit de Oekraïne, arbeidsmigranten en buitenlandse studenten. Velen vrezen dat ons land zal bezwijken onder die toename en houden een andere groep instromers, vluchtelingen uit andere landen en asielzoekers, hiervoor verantwoordelijk. Populisten voeden die vrees door te wijzen op de problemen in de opvang van deze groep mensen, met een verwijzing naar de -wekenlange- onhoudbare situatie in Ter Apel. Dat de opvangproblemen meer het gevolg zijn van het afschalen van de opvangvoorzieningen en de vermindering van personeel in de afgelopen jaren, dan door de toename van deze toestroom, wordt hierdoor verhuld. Mensen die alles achter zich hebben moeten laten zijn hiervan de dupe. Bovendien worden ze in de beeldvorming vaak weggezet als profiteurs of gelukzoekers. Het Bijbelverhaal dat we deze zondag lezen (1 Koningen 17: 8-24) houdt ons een spiegel voor. De ontvangst van een vreemdeling wordt erin teruggebracht tot een existentiële zaak. Een weduwe wordt door een vluchteling gevraagd het laatste restje voedsel dat ze heeft met hem te delen. Ze gaat in op zijn verzoek en zet daarmee haar eigen leven en dat van haar kind op het spel. Daar is moed voor nodig. Haar eigen belang maakt zij ondergeschikt aan de hulp van een medemens in nood. Moedig zijn ook degenen die een blinde bij Jezus brengen, een medemens in nood (Marcus 8: 22-26). Blinden waren in die tijd veelal aan zichzelf overgeleverd, zonder perspectief op een beter bestaan. Ze geloven dat Jezus het onmogelijke mogelijk kan maken door de blinde de ogen te openen. Hun vertrouwen wordt niet beschaamd.

Jaap van de Meent

 
Deze Zondag

Deze Zondag
Het kwade ten goede gekeerd

‘We zijn onze handleiding kwijt’, aldus psychiater Esther van Fenema in haar net verschenen boek ‘Het verlaten individu’. ‘Toen we ooit de baleinen uit de samenleving trokken en het individu bevrijdden uit allerlei groepsverbanden hoopten we zelf God te worden’, zo schrijft zij. Het gevolg is een samenleving vol dolende individuen zonder richting en zonder bezield verband. Met alle gevolgen van dien.

De broeders van Jozef meenden het ook zelf wel te kunnen redden. Ze deden de broederschap letterlijk in de uitverkoop. En zonder dat ze het in de gaten hadden, verkochten zij daarmee hun ziel. In de magere jaren van ontbering ontdekken ze echter waar zij hun leven lang voor wegliepen: die ene broeder die afdaalde in Angstland. Die broeder die hun bron van leven blijkt te zijn.

We lezen aanstaande zondag dat ontroerende verhaal waarin Jozef zich wenend bekend maakt aan zijn broeders. Aan hen die hem dood wilden. Het is het verhaal waarin het kwade ten goede wordt gekeerd. Juist ook in deze dagen vol druk en onzekere eenzaamheid wil de verteller ons een hart onder de riem steken. Als wij denken dat het allemaal tevergeefs is en wij ons bijna uitleveren aan een leeg cynisme gaat ineens zomaar ergens het licht aan.

Daar staat Jozef: de broeder die vanuit de afgrond het laat dagen in het oosten. Hij die een plek heeft gezocht om dolende, hongerige zielen onderdak te verlenen. Het is het verhaal dat wil samenvatten waar het in heel die aloude Schrift over gaat.

Laat het ook ons een troost zijn in magere jaren. En wellicht een nieuwe handleiding om weer wat moed te kunnen vatten.

Ad van Nieuwpoort  
 
 
Deze Zondag Deze Zondag
Geloof

Vorige week ging het over roeping, op deze zondag gaat het over wat het betekent om te geloven te midden van de realiteit zoals die is. In twee verhalen waarin het water ( de zee) zich van zijn bedreigende kant laat zien horen we over Gods overmacht tegenover de krachten van de chaos.  Eerst lezen we Jona 1 en een deel uit 2, waarna we de rest van het verhaal van Jona’s redding samen bezingen in de woorden van lied 155. Het evangelie klinkt op uit Lucas 8: 22- 25. Er is een bepaalde samenhang tussen deze verhalen, maar bovenal verkondigen beide verhalen ons dat alleen  God een woord spreekt, dat zo diep gaat, dat het de zee stilt en de zee, de dood zijn overmacht ontneemt. Lucas laat ons zien dat Jezus dat woord, dat tegelijkertijd daad is, met gezag op zich neemt. En ons wordt geloof gevraagd. Een waagstuk.

Ik hoop u zondag te ontmoeten!

Ds. Erwin de Fouw, bijstand in het pastoraat in de Duinzichtkerk
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Van een dolende ziel tot een gevonden mens

Naast mij fietst een meisje van ongeveer twaalf jaar oud. Ik haal haar in, maar even later staan we samen bij een rood stoplicht. Zodra ze stilstaat, pakt ze snel haar telefoon uit haar achterzak en kijkt ze geobsedeerd naar haar schermpje. Dat het stoplicht op groen springt, heeft ze niet in de gaten. Ik laat haar achter met haar schermpje maar zit de rest van de dag steeds met haar in mijn hoofd. Zo’n jong meisje nog met haar schermpje. Een mensje in wording overgeleverd aan de chaos van het wereldwijde web. Hoe vind je daar je weg? Hoe selecteer je de kanalen en de prikkels? En hoe voorkom je dat je ten prooi valt aan bedrijven die jou niet zien als mens maar enkel als consument? Op school krijgt ze les zoals ik ooit les kreeg. Gewoon uit boeken. En haar ouders zijn vast beiden heel druk op het werk. Maar wie wijst dit meisje de weg?

Zondag lezen we het verhaal van een man die geen toekomst heeft. Een machtig man is het, zo schrijft Lukas. Maar zijn weg is eenzaam. Hij daalt af van Jeruzalem naar Gaza, zo staat er. Niet echt de goede richting, weet de getrainde bijbellezer. Maar in Jeruzalem heeft hij een profetenboek gekocht. Hij leest hardop maar heeft geen idee waar het in dat boek over gaat.

Gelukkig is daar zomaar ineens een apostel. Iemand die hem vraagt: ‘Versta je wat je leest?’ De vreemdeling in de wagen kijkt op en zegt: ‘Hoe zou dat kunnen als niemand mij de weg wijst?’ Een rake reactie. En buitengewoon actueel. Is er nog iemand vandaag die ons de weg wijst? Iemand op wie wij vertrouwen kunnen? ‘We zijn allemaal dolende zielen in een angstaanjagende wereld’, zo schreef onlangs Doortje Smithuijsen in Trouw. Misschien wat zwaar aangezet, maar ze heeft wel een punt.

Die apostel klimt in de wagen van de vreemdeling en wijst hem de weg in het boek dat hij leest. En wat hij zegt is dat het in dat boek over hem gaat. Dat heel dat boek ten diepste een liefdesbrief is die hem een nieuwe toekomst aanzegt. De vreemdeling weet niet wat hij hoort, maar wordt aangesproken en ziet in zijn verdorde bestaan ineens water. Water in zijn woestijn. Daarin wil hij wel ondergedompeld worden. En van een dolende ziel wordt hij een gevonden mens die zijn weg met blijdschap vervolgt.

We gaan het aanstaande zondag lezen. Ook verwelkomen we onze nieuwe diaconaal werker Maja Postma. En zingen onze angsten te boven.

In die vreemdeling kon het nog weleens over ons gaan. En over dat meisje met haar schermpje.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Bar/Bat Mitswa

Wanneer in de joodse traditie een kind de leeftijd van 12 jaar heeft bereikt, wordt hij of zij ‘een zoon of een dochter van het gebod’, zoals ‘Bar/Bat Mitswa’ letterlijk betekent. Ze gaan een nieuwe levensfase in. Met ook eigen verantwoordelijkheden. En dat kunnen ze omdat ze voldoende bagage hebben meegekregen door haar ouders en de tora-lessen.

Die mooie traditie lenen we graag aanstaande zondag van de synagoge. David Ruys, Christiaan Barthel, Claartje van Beijma Thoe Kingma en Carijn Kerstens zullen voor het eerst in hun leven de kansel beklimmen om hun favoriete bijbelverhaal voor te lezen. Daarna spreken we onder de kansel over waarom nou juist dat verhaal en hoe ze uitkijken naar de tijd die komen gaat. Vervolgens zullen de ouders een brief voorlezen waarin zij hun hoop en goede wensen voor hun kinderen proberen taal te geven.

Een speelse zomerdienst zal het worden waarin het kind centraal staat. Geen preek dus, maar wel mooie verhalen, muziek van de Oekraïense zangeresYuliia Marchenko met haar pianist Biëlla en duiven op het plein.

Een belangrijk moment voor onze kinderen en voor wie het kind in zichzelf is kwijtgeraakt.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Bevrijding uit eendimensionaliteit

Hoezeer kan een mens gevangen zitten in een eendimensionaal bestaan? Zo opgesloten dat elke ontvankelijkheid is platgeslagen. Het enige waarnaar hij zoekt is de bevestiging van eigen standpunten en denkwijzen. Andere visies worden als bedreigend ervaren. Hoe eenzaam kan zo’n bestaan worden? Zozeer zelfs dat iemand helemaal zichzelf helemaal kwijtraakt en voorbij leeft aan zijn roeping. Omdat hij niemand anders toelaat. En dus elke mogelijkheid tot een kritische spiegel wordt weggewoven. We zien het om ons heen. Ook in onszelf. En ook in onze gepolariseerde samenleving heden ten dage. Of je nou woke bent, big spender, boer of milieuactivist. Wat heb je nodig om daaruit bevrijd te worden? Hoe worden we weer ontvankelijk?

Daarover gaat het in het verhaal van die grote apostel Saulus. Hij is bevangen door agressie tegen elk idee dat anders is dan het zijne. Hij is er helemaal door geobsedeerd. Totdat er ineens een vreemde stem klinkt op zijn levensweg. Een stem die resoneert uit de boeken van de profeten. Zoals de alternatieve koning David koning Saul toeroept, zo wordt nu ook die razende Saulus geroepen. ‘Saul, Saul, wat vervolg je mij’? Met dat jij alleen maar ronddraait in je eigen kringetje, ontloop je de liefde die jou heeft liefgehad.

Daar ligt de apostel. Ter aarde geworpen. Ineens is daar licht. Licht dat laat zien hoe duister en eenzaam zijn eendimensionaliteit feitelijk is. Hij vindt zomaar Jezus op zijn weg. Bevrijder is zijn naam. Bevrijder van de banden die hem verhinderen te worden die is. En hij wordt opgeroepen om op te staan en te gaan naar hen die hij zo graag had bestreden. Deze stem brengt mensen samen die doodsbang zijn voor elkaar.

Te midden van alle vijandsbeelden is daar ineens iemand die tegen die blinde Saulus zegt: Broeder! Doordat hij is bevrijd uit zijn kleine oogklepwereldje is er ineens een gemeenschap. Mensen om hem heen die totaal anders denken en leven, maar wel mensen die weten wat het is om medemensen te zijn.

Met deze roeping luiden wij zondag de grote zomer in. Puur tegengif in een tijd waarover wij ons hart vasthouden. Met verlichtende vioolklanken en troostvolle liederen.

Hard nodig deze dagen!

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze zondag

Deze zondag

De wereld op zijn kop.

‘Ik weet niet hoe ik mij in het Uur U zal gedragen. Nu zitten we nog allemaal in het verzet. Ik ook natuurlijk. Maar als er morgen opeens een groep vluchtelingen bij mij aanbelt laat ik ze mooi niet binnen. Want dan komen er vlekken op mijn fraaie kleed. En een vlek op je kleed is een vlek op je ziel. Zo moedig en fatsoenlijk ben ik dus, als het er echt op aankomt. Al hoop je anders…’, aldus Adriaan van Dis in een recent interview in NRC Handelsblad. Voor velen herkenbaar, denk ik. Ook voor mij. We houden prachtige verhalen over de vreemdeling in onze poort, maar als het erop aankomt, kijken we vaak een andere kant op.
 

lees meer »
 
Het onmogelijke wordt mogelijk

Het onmogelijke wordt mogelijk
Het onmogelijke wordt mogelijk

Nog niet zo lang geleden dachten we wel zo ongeveer te weten hoe onze toekomst eruit zou zien. We maakten onze plannen. Voor ons werk maar ook privé. Wij waanden ons stiekem meesters van ons lot. Totdat ineens alles er anders uitzag vanwege een microscopisch klein virus. Rationeel wisten we misschien wel dat ons leven niet maakbaar was. Maar nu heeft die gedachte blijvend letsel opgelopen. En dat vraagt om nieuw houvast. Om andere ankerpunten. Want waar moet je dan op koersen als voortdurend alles onzeker blijkt?

Dat is misschien wel waarom in het ‘leerverhaal’ van Tora al degenen die voor toekomst moeten zorgen, principieel onvruchtbaar zijn. In een wereld waarin vitaliteit en vruchtbaarheid het een en het al zijn, vraagt de verteller aandacht voor de andere kant. Voor dat leven dat niet vanzelfsprekend potentie heeft. Voor de mens van wie de toekomst niet zo zeker is. En daarmee wil het een troostverhaal zijn. En wil het tegelijk ook wijzen op een ander ankerpunt. En dat is het ankerpunt van de belofte. Iemand die jou zegt dat er wel degelijk een toekomst voor je is. Ook al ziet die er misschien totaal anders uit dan je wenst of hoopt. Iemand die je het vertrouwen geeft dat jouw toekomst in goede handen is.

Sarah en Abraham hadden het geloof in die belofte allang opgegeven. Dat maakt hen beiden ook zo menselijk. Maar nu Sarah negentig jaar oud is en Abraham honderd, krijgen ze de lang verwachte zoon. Uit de verdorde schoot komt ineens leven tevoorschijn. Onmogelijk natuurlijk. Dat gaat tegen alles in. En toch is dat de beste samenvatting van heel dit verhaal. Waar wij echt helemaal niet meer verwachten, gebeurt het. Het onmogelijke wordt mogelijk.

Daarop vertrouwen is misschien wel niet te doen. En toch worden we voor die sprong uitgenodigd. Het is zo’n beetje zoals Jaap Smit onlangs zei in Tegengif: ‘Als je weet dat je kan zwemmen, geeft het niet hoe diep het water is’. Als je het waagt met die belofte, soms even, leer je leven bij de dag. Ook als alles ineens onzeker wordt.

Zondag is het eerste advent. Het begint te dagen, zo hopen we dan maar. We lezen van de onmogelijke geboorte van Izaäk en de uit de dood tot leven gewekte Ismaël. De kinderen gaan oefenen voor het Kerstkoor en Harry Broom en Anna Jurriaanse spelen voor ons op cello en altviool.                                                                                                         
Ad van Nieuwpoort
 
Deze zondag

Deze zondag

Van water naar wijn

Voor velen is op dit moment leven: overleven. In de eerste plaats natuurlijk in al die delen van onze wereld waar de nood niet te doen is. Maar ook dicht bij huis in deze eindeloze crisis waarin we precies dat moeten missen wat het leven kleur geeft en aangenaam maakt. Deze tijd werpt ons terug op de urgente vraag wat het menselijk leven nu echt de moeite waard maakt. Want hoe vaak leven we niet gewoon omdat de tijd doortikt. En voor je het weet ben je teleurgesteld oud geworden omdat je het gevoel hebt het leven niet geleefd te hebben. Hoe schokkend kan zo’n ontdekking zijn?

Wat maakt het leven de moeite waard? Bij die kernvraag worden we bepaald in het wonderlijke verhaal over de bruiloft te Kana. Een verhaal vol metaforen. Er is een bruiloft zonder wijn. En een bruiloft zonder wijn is als een leven dat niet tot zijn recht komt. Maar niemand lijkt het in de gaten te hebben. Totdat de moeder in het verhaal het opmerkt. ‘Er is geen wijn’, zegt ze. Gelukkig is er iemand die het ziet en er wat mee doet. Want dan gaat er iets gebeuren dat niemand kon bedenken. Dan wordt ineens zomaar water wijn. Er blijkt iemand op het feestje te zijn die de bruiloft tot een bruiloft maakt, het leven kleur geeft, liefde en daarmee betekenis. Het is de Messiasman. Die ook wel ‘bevrijder’ wordt genoemd.

Die Messiasman lijkt op Noach. Want het eerste dat Noach doet als hij de ark uitstapt, is een wijngaard bouwen en dronken worden van de wijn. Hij gaat van water naar wijn. En haalt daarmee het waarachtige leven binnen. Hij laat zien dat het kan.

Komende zondag gaan we van water naar wijn. Om even te kunnen proeven waar het ook al weer om gaat. Zeer nodig in deze schaarse tijden. Kaja Majoor en Harry Broom spelen Bach en Bréval om ons een beetje te troosten omdat we nu ook niet meer zingen kunnen.

Dat overleven maar weer een beetje leven zal worden.

Ad van Nieuwpoort
 

 
Deze zondag

Deze zondag

De beelden uit Kabul laten mij niet los. Sinds kort volg ik een jonge Afghaanse journalist die dagelijks tal van foto’s en filmpjes deelt uit zijn land in de greep van de wanhoop. Wat voorzichtig na vele jaren her en der wat opbloeide aan menselijkheid lijkt in één klap weer ongedaan gemaakt te worden, zo laten die beelden zien. ‘Met kalasjnikovs zijn de middeleeuwen opnieuw van toepassing verklaard’, schreef Pfeijffer. En wat hebben wij te bieden? ‘Erotiek van navelshirtjes en consumptiedwang’. Ook onze zogenaamde ‘Westerse Vrijheid’ lijkt verhaalloos met lege handen te staan. Het is niet om aan te zien.

Dat dit van alle tijden is, vertelt het verhaal van Handelingen (12). De kleinzoon van kindermoordenaar Herodes slaat vol willekeur om zich heen. Ontpopt zich als de zogenaamde beschermer van oude normen en waarden. En het volk lijkt te applaudisseren. Met de moord op Jacobus denkt Herodes de oude orde te kunnen herstellen. Petrus is de volgende. De verteller lijkt ons terug te willen voeren in Egypte, het land van de benauwdheid met zijn vernederende Farao’s. Maar wat deze schurk vergeet is dat Egypte niet het laatste woord heeft. Het zijn namelijk ‘de dagen der ongezuurde broden’, zo schrijft Lukas met een glimlach. Dagen van exodus, van uittocht.

De ter dood veroordeelde Petrus, de rots van de ekklesia, zit vastgeketend in de gevangenis. Maar hij is niet alleen. Er zijn gebeden die hem vergezellen. Gebeden als verzetsdaden tegen de gevestigde orde. De gemeente doet voorbede voor hem. En daarmee rekent zij met een andere orde. De orde van Paasbevrijding.

En zo wordt Petrus als een Elia door een engel bij de hand genomen om dwars door ijzeren poorten te gaan. Hij gelooft zijn ogen niet. En de biddende ekklesia evenmin. Dezelfde engel die Petrus uitleidt uit de benauwdheid, maakt van Herodes wormenvoer. Machten die de menselijkheid de nek om willen draaien moeten het ontgelden. En het woord van bevrijding zet zich door. Tegen de klippen op.

Een verhaal van hoop is het. Te midden van gitzwarte berichten. Om moed te houden, niet cynisch te worden en te weten: dit is het einde niet. Er is iets sterkers dan wat we zien.

Ad van Nieuwpoort

 

 
Deze zondag

Deze zondag

Pinksteren: roepingscode voor een nieuw bestaan

Waar blijft de euforie nu het einde van onze lockdown in zicht is? Zo vraagt ook Gijs van der Zanden zich af, afgelopen weekend in NRC. Wellicht lijden we aan een lichte vorm van re-entry anxiety of post-isolation anxiety. Termen die deze dagen steeds opduiken en gewoonlijk gebruikt worden voor mensen die lange tijd geen deel uitmaakten van het alledaagse leven. “‘Corona’ heeft ons vervreemd van ‘de ander’ en we hebben tijd nodig om weer aan elkaar te wennen”, zo schrijft Van der Zanden. Hoe zullen we het leven weer durven aan te gaan, ook als we bang zijn terug te vallen in de oververhitte patronen waar we afgelopen tijd juist even van verlost leken?

Pinksteren gaat over de roepingscode voor het nieuwe bestaan, zo schrijft Willem Barnard ergens. De leerlingen van Jezus keken wat verweesd naar de hemel. Geen idee hoe nu verder. Ze zijn als het volk in het exodusverhaal onder de berg Sinaï, zonder Mozes. Misschien wel zoals velen zich deze dagen voelen: teruggeworpen op onszelf. Niet willen vervallen in het ‘oude normaal’, maar ook nog geen idee hoe het ‘nieuwe’ vorm te geven.

Maar dan is er levensadem. Dezelfde adem die aan het begin van het Bijbelverhaal de mens in zijn neusgaten kreeg ingeblazen en hem levend maakte. Zo ook in het verhaal van Handelingen. Een heftige ademtocht en tongen als van vuur maken dat er ineens een nieuwe taal kan worden gesproken. Niet de vervreemdende taal van Babel en van Babbeltafels maar de taal van de liefde die niet uitsluit maar verbindt. Het is de heilige taal van de Tora die iedereen kan verstaan. Woorden die gaan over uittocht uit benauwdheid en over nieuwe, onvoorziene wegen naar een nieuwe tijd waarin wij worden zoals bedoeld: bevrijde mensen.

Dat gaan we aanstaande zondag vieren met J.S. Bach op Altviool met een vrolijke trompet en witte duiven die de kinderen laten vliegen vanaf ons kerkplein. Dat de Geest maar wat mag gaan waaien in onze hoofden en harten. Opdat de angst plaats zal maken voor vertrouwen en we moed krijgen voor wat komen gaat. Broodnodig!

 

Ad van Nieuwpoort

 
Deze zondag

Deze zondag
Op zoek naar de bron

Waar halen we vandaag de dag onze inspiratie vandaan? Onze tijd vraagt vooral om output. We moeten van alles en we doen het gelukkig vaak maar al te graag. Een mens wil zichzelf immers realiseren en hoe mooi is het als dat een beetje lukt. Als het stroomt, als het inspireert. Maar output zonder input werkt niet. Dan lopen we leeg en gaat het licht uit. En wat dan rest is de waan(zin) van de dag. Maar de grote vraag is: hoe voeden wij onszelf? En waarmee? Wat is er voor nodig om bij die bron van inspiratie te komen?

De grote aartsvader Jakob is in het verhaal van aanstaande zondag ook op zoek naar een bron. Deze pootjeshaker is in zijn leven alles kwijtgeraakt. Zijn moeder, zijn vader, zijn broeder en zijn Heimat. Als een eenzame ziel zien we hem zwerven in de nacht. Jakob is de metafoor geworden van een dolende samenleving op zoek naar een nieuw begin. Maar waar moet hij het vinden?

Jakob ziet een bron. Maar die bron is geblokkeerd. Er ligt een niet te tillen steen op. Om bij die bron te kunnen komen heeft hij anderen nodig. Hij redt dat niet in zijn eentje. Om bij de bronnen van inspiratie te komen, hebben we elkaar nodig. Heb je een samenleving nodig. Zo wil het verhaal misschien wel zeggen.

Maar dan is daar te midden van al die mannen, die ene vrouw. De vrouw die hij nodig heeft om te worden die hij is. De vrouw die hem zou kunnen verlossen uit zijn egocentrische gevangenschap. De stem van liefde. En ineens zien we Jakob veranderen en doet hij wat niemand anders kan. Door die ene vrouw vindt hij de kracht om de steen van die bron af te wentelen en water te putten. Even wordt Jakob als die engel die de steen bij het gesloten graf afwentelt. En je voelt aan alles: het gaat stromen. Deze door schuld belaste Jakob wordt ontmoet en thuisgebracht. Hij is de bron van levend water op het spoor gekomen.

In dat verhaal gaan wij komende zondag twee kleine mensjes onderdompelen. We brengen hen en onszelf bij de bron van het leven. Laten we hopen dat de stenen worden afgewenteld en het levenswater gaat stromen. Daarbij hebben we elkaar hard nodig. Dus verlaat uw scherm en kom naar de bron!

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Don’t Look Up?

In de nieuwe Netflix-film van Adam McKay dreigt een reusachtige komeet de aarde te vernietigen. De film is nog maar net uitgekomen en is nu al de meest besproken en bekeken film van dit moment. Je moet een beetje door de soms wat overdreven ‘Amerikaanse stijl’ heenkijken, maar deze film verbeeldt op een intrigerende manier een wereld die de ogen sluit voor wat er gaande is. Terwijl de komeet op de aarde aankoerst, zijn er maar weinigen die het gevaar onderkennen. Gerenommeerde wetenschappers proberen de Amerikaanse president van het gevaar te overtuigen, maar de immense dreiging wordt ondergeschikt gemaakt aan persoonlijke belangen. En als een Jeff Bezos-achtige miljardair met een alternatieve analyse komt, wordt deze meer serieus genomen dan de evidente observaties van de astronomen. Ook de media halen in hun glittershows de schouders op over wat wetenschappers vrij exact hebben kunnen constateren. Hun bijdrage aan programma’s doet de kijkcijfers dalen. Ook gewone burgers willen de komeet niet zien, al wordt die steeds zichtbaarder. Overheidscampagnes met de leus ‘Don’t look up’ doen het goed. Deze film schuurt tegen de echte wereld aan. ‘Het is satire, maar omdat zoveel in het verhaal onze eigen wereld weerspiegelt, verandert ze in een tragedie’, zo schreef filmjournalist Gawie Keyser in NRC Handelsblad. Als de komeet inslaat zitten de wetenschappers in hun gezin rond de tafel te bidden. Het is het enige nog dat nog rest. Een ontroerend beeld.

In het verhaal van Elia dat wij de komende weken gaan lezen, gebeurt niet veel anders. De context waarin hij opduikt is vergelijkbaar met die van ‘Don’t look up’. Om het even in de taal van onze tijd te zeggen: de economie groeit nog steeds prima en beurskoersen doen het goed. Niets aan de hand, zou je zeggen. Koning Achab heeft het goed voor elkaar. Onder hem maakte Israël een bloeitijd door, zo zeggen historici. Het ziet er aan de buitenkant allemaal pico bello uit. Iedereen lijkt tevreden.

Maar dan komt daar ineens Elia op het toneel. ‘Mijn God is JHWH’ betekent zijn naam. Hij ziet wat niemand wil zien. Hij ziet de kale plekken. Hij ziet het leed achter de façades. Hij ziet dat er fundamenteel iets niet klopt aan die orde van Achab. Elia is te vinden bij een weduwe die nauwelijks te eten heeft. Met een zoon die ziek wordt en doodgaat. Beeld van een volk zonder toekomst. Daar waar geen camera’s staan, daar is de profeet te vinden. Niet met ‘hel en verdoemenis-preken’, maar met een woord van hoop, ontferming en liefde. Hij lijkt ons ook vandaag te willen zeggen: Kijk verder dan de waan van de dag. Kijk eens naar boven! De wereld is groter dan jouw bubbel. Aan dat verhaal kunnen wij ons laven. Hard nodig in deze schrale tijden.

Ad van Nieuwpoort
 
Deze Zondag

Deze Zondag

Een koning op een ezel

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik kom maar niet los van die beelden uit Boetsja. Mensen zomaar uit hun gewone leven weggesleurd en op straat neergeschoten. Mensen zoals u en ik, overvallen door een destructieve intocht van geweld. En als je niet uitkijkt gaat iedereen op de loop met dit soort beelden. Zoals ook Rob de Wijk onlangs constateerde. Zaken die het daglicht niet kunnen verdragen, open en bloot. Maar wat gaat er niet allemaal achter die beelden schuil? En je vraagt je af: hoe zijn die laatste momenten geweest voor deze mensen? Hoe angstig moeten ze zijn geweest? Of verbijsterd? Waaraan hebben ze gedacht? Welke laatste woorden hebben ze gesproken? Niemand die het weet. Levenloos achtergelaten als ze zijn.

Zondag lezen we het absurde verhaal over een koning op een ezel. Te midden van al die grote keizerlijke intochten vol machtsvertoon om angst te zaaien, is daar ineens een tegenkoning. ‘Zoon van David’ wordt hij genoemd. Het vleesgeworden visioen van vredesprofeten. Een koning die tegen alle weerstanden heen, soeverein Jeruzalem komt binnenwandelen. Rechtvaardig en zachtmoedig is hij, zo wordt gezegd. Beeld van totale kwetsbaarheid. Zonder wapens en paarden en geheel weerloos. En daarmee komt een nieuwe wereld binnen. Een nieuwe orde, een nieuw verhaal. Iets dat wij niet voor mogelijk houden.

Wat komt met deze intocht aan het licht? Dat de stad van vrede bezet gebied is. De tempel vol met kopers en verkopers rondom een God die ons allen in de greep houdt: Mammon wordt hij wel genoemd. De God die om offers vraagt en slachtoffers maakt. De koning op de ezel gaat er echt op af. Alle dienaren van de Mammon worden uitgeworpen en de tafels van de geldwisselaars gaan om. Een grote schoonmaakactie is het. Om ruimte te maken voor het ontwapenende leven. Om ruimte te maken voor benauwde zielen, zoals in Boetsja. En als hij dat doet, komen ineens allemaal lammen en blinden tevoorschijn. Mensen die keurig werden weggestopt. Mensen die ongezien op straat zijn achtergelaten. Ineens komen ze in beeld en worden ze op hun benen gezet.

Daarover gaat het zondag. Een koning op een ezel komt onze bezette levens binnen. En als het goed is, gebeurt er wat met ons. Jasjes gaan uit en maskers vallen af. Die kwetsbare koning brengt ons aan het licht als kwetsbare mensjes. Maar zet ons ook op onze benen om te laten zien dat het anders kan. Wijzelf en deze wereld.

Aanstaande zondag met een heuse optocht van Palmpasenstokken. Omdat het kan en misschien ook wel moet.

Ad van Nieuwpoort
 

 
Deze Zondag

Deze Zondag

Van bitter naar zoet 

Hoe sta je op uit een diepe crisis? Hoe sta je op uit een situatie die jou heeft lamgelegd en monddood heeft gemaakt? Hoe vind je een begaanbare weg als alles in je leven van zijn plaats is gehaald? Je moet helemaal opnieuw beginnen, zo lijkt het. Opnieuw leren lopen, leren ademen, leren vertrouwen. Kortom: opnieuw leren leven. Ontdekken wat houvast is, wat je ankers zijn. Met welk verhaal wil je leven en met welk zeker niet meer? Hoe voorkom je dat je bitter wordt? Hoe voorkom je dat je niet meer weet hoe zoet ook al weer smaakt?

Daarover gaat het in het woestijnverhaal van Exodus. Net bevrijd uit het land van dood en benauwdheid, zoekt het volk van Mozes zijn weg in de woestijn. Hoe word je van een slaaf tot een vrij een mens? Wat is daarvoor nodig? Niets gaat meer vanzelf en alles moet opnieuw ontdekt worden. Het veelbelovende land is nog ver weg. Er moet nog heel wat geleerd worden.

In de woestijn is niets vanzelfsprekend. Daar kom je jezelf tegen tot op het bot. Daar dringen zich de meest wezenlijke vragen aan je op. En het eerste dat ontbreekt is water. Bron van leven. Zonder water kun je wel ophouden. Maar als ze het vinden, is het bitter. Niet te drinken. Zoals hun leven in benauwdheid niet te leven was. Ze komen er in de vrijheid pas echt achter hoe verbitterd ze geworden zijn.

Maar dan is daar die boom. Beeld van tora-wijsheid. Symbool voor een nieuwe werkelijkheid waarin menselijkheid de maat der dingen is. Geen slavenmoraal maar een woord tot bevrijding. Die boom moet het verbitterde water in. Alleen zo wordt het water drinkbaar, het leven leefbaar. Zonder die boom, zonder die herbronning gaat het niet.

En zo gaan ze hun eerste weg. Van bitter naar zoet. Van Mara naar Elim. Van Pasen naar Pinksteren. In de verte borrelen twaalf bronnen op en wuiven zeventig palmen ons tegemoet. Te mooi om waar te zijn. Maar zó nodig om het vol te kunnen houden in tijden van ontbering.

We gaan er aanstaande zondag van proeven. Proeft u mee?

Ad van Nieuwpoort

 
Deze Zondag

Deze Zondag
Tijdnood
 
‘Iedereen is moe en niemand heeft tijd’, zo schreef vorige week Marguerite van den Berg in het FD. ‘Ook wie zich met een hypotheek, een auto en een skivakantie aan de veilige kant van de kloof waant, heeft waarschijnlijk altijd haast.’ De grootste nood van deze dagen is misschien wel onze tijdnood. We hebben geen tijd meer. En putten niet alleen onze aarde maar ook onszelf en elkaar totaal uit. Met alle gevolgen van dien. We missen de ruimte om stil te staan, na te denken en afstand te nemen. En door die tijdnood zijn wij niet meer in staat de dingen op waarde te schatten. Ons leven is vaak verworden tot een hollend reageren op wat op ons afkomt. De focus, de concentratie en de rust ontbreken. In ons persoonlijk leven, maar ook in onze samenleving. Ook aan de tafels waar beslissende keuzes worden gemaakt. Waar visie en beleid moet worden ontwikkeld. We plukken er deze dagen de wrange vruchten van.
 
Het eerste wat een mens moet leren is van ophouden weten. Zo begint het bijbelverhaal. En dat is dus ook wat dat slavenvolk in de woestijn moet leren oefenen. Als je niet langer meer een slaaf wil zijn, maar een vrij mens wil worden, zal je grenzen in acht moeten nemen. Het is een oergegeven in het Hebreeuwse bevrijdingsverhaal: de sabbat. Afstand kunnen nemen. Nee! leren zeggen. Staken.
 
In het zoeken naar levensbrood komt het er in de woestijn op aan bij de dag te leren leven. Niet verzamelen voor de dag van morgen want er is genoeg voor iedereen. Vertrouwen op dagelijks brood. Het behoort tot de basics van het menselijk leven. En dan is het genoeg om zes dagen te werken en één dag te staken met alles waar je mee bezig bent. Het blijkt de sleutel tot ware menselijkheid. Want wie maatstrepen in de tijd weet te zetten, wordt door de tijd niet overspoeld. Pas in de ruimte van de sabbat word je bevrijd van je tijdnood. En ontdek je, om het met Karl Barth te zeggen: Gott hat Zeit für uns
 
We gaan zondag weer de woestijn in. Om de tijd te vinden die we verloren hebben.
 
Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Een nieuwe ‘mindset’

Pasen zou moeten zorgen voor een nieuwe ‘mindset’, om het maar eens in managementtaal te zeggen. Een andere manier van kijken. Kijken met het perspectief van de onmogelijke mogelijkheden. Dat is dus verder kijken dan de waan van de dag die ons zo bezetten kan. Maar hoe doe je dat? Hoe leer je dat? En ook: hoe houd je het vol? Hoe voorkom je dat je steeds weer terugvalt in korte termijn patronen die zich dagelijks aandienen? Pasen moet je, net als pianospelen, oefenen. Als je Pasen niet oefent, verleer je het en val je terug in oude groeven.

Aanstaande zondag daalt in het aloude profetenverhaal de grote koning Joas af naar de profeet. De profeet Elisa is aan zijn einde en ligt op zijn sterfbed. De koning is radeloos. Hij die de profetische visie voortdurend van tafel veegde, vraagt zich nu af hoe hij verder moet zonder profeet. Wat is macht zonder waarden?, zo vroeg ook Rob de Wijk zich af, afgelopen week in de Duinzichtkerk. En het lijkt of de koning dat heel even beseft. De koning weent. Maar de profeet zet hem aan het werk. Hij moet oefenen in een andere ‘mindset’. Hij moet het venster naar het oosten openzetten. In de richting van het grote visioen. In de richting van het licht. En vervolgens moet hij schieten met pijl en boog. Een wonderlijk tafereel is het. Het is als een Paas-oefenklasje. En de profeet daagt hem uit: wat heb je nodig om het kwaad te keren?

Maar precies zoals we dat ook deze dagen zien: de koning doet niet genoeg. De beeldvorming is in orde. Maar echt doorpakken kan hij niet. Het begon mooi maar hij houdt het niet vol. Hij is teveel bezig met zichzelf en te weinig met waar het echt om gaat.

De profeet sterft. En het lijkt nu allemaal tevergeefs. Is het allemaal ten dode opgeschreven, ons Paasleven? Daar gelooft de verteller niet in. Want als je echt wordt geraakt door het profetenwoord, dan sta je op. En dan waag je het. Ook als je niet meteen resultaat ziet. Je houdt vol, omdat dat woord sterker is dan jouw ongeloof.

Misschien gaat het daar wel over.

Ad van Nieuwpoort
 
Deze Zondag

Deze Zondag
De opstanding van Jezus met Pasen leek zo’n hoopvol nieuw begin. Jezus overwon de dood; zo ging hij ons voor, het leven tegemoet. We leerden kijken met het perspectief van onmogelijke mogelijkheden.
Maar hoe houd je dat vol? Jezus is niet meer onder ons. Het oorlogsgeweld aan de oostgrens van Europa trok zich niets aan van Pasen. En de pijn van die oorlog wordt steeds meer zichtbaar en voelbaar, ook voor ons.
We worden teruggeworpen op onszelf.

In de lezingen van a.s. zondag gaat het over verwoesting en verlatenheid. En over de schrik en de pijn die daar het gevolg van zijn. Die ons verwarren en bang maken.
We horen wat de profeet Joël en de evangelist Johannes ons daarover te zeggen hebben. Met het oog op Pinksteren dat eraan komt. Het is goed om ons tijdig op dat feest van de komst van de heilige Geest voor te bereiden. Om opnieuw ruimte te maken voor het goede leven dat God heeft bestemd voor de mens.
Joël profeteert over dit allesomvattende perspectief van God en Jezus verbindt ons daarmee. Hun oproepen om niet bang te zijn, wijzen ons een weg om te gaan. God en Jezus geven ons de vrede die alle ongerustheid en moedeloosheid verdrijft. De heilige Geest zal ons er blijvend aan herinneren.

Daar gaat het zondag over. Misschien wel aan de hand van de afbeelding die Marc Chagall maakte van Joël als de profeet van Pinksteren. Of aan de hand van het gedicht dat de stadsdichter van Wijk bij Duurstede schreef tussen 16 maart en 4 mei voor de dodenherdenking van dit jaar aldaar. Hoe actueel kun je het hebben. En dat ook nog op moederdag.

Ds. Henk Steinvoort, Cothen
 
Deze Zondag

Deze Zondag

Een levensreddend verhaal

In het verhaal van komende zondag horen we de schreeuw van een vrouw die alles wat zij had is kwijtgeraakt. Vluchten moest ze omdat er geen leven meer mogelijk was in haar land, in haar huis, op haar akker. En na zeven jaar komt ze terug en ziet ze dat er niets meer over is van haar geboortegrond, van haar oorsprong, van haar verhaal. En ze schreeuwt om hulp. Ze verlangt naar wat verloren is gegaan. Zoals ook wij in Europa in toenemende mate verlangen naar wat niet meer is. De bron van bestaan, de ankerpunten van het menselijk leven. Ze schreeuwt om hulp, maar de Koning hoort haar niet. De bestaande macht ziet haar over het hoofd. De Koning heeft geen tijd voor wat verloren is gegaan.

Maar dan is daar die profetenjongen. Hij die nog weet van een ander verhaal. Hij die in de buurt van de profeet heeft gezien wat het visioen vermag. De Koning heeft hem uitgenodigd om erover te vertellen. En de jongen vertelt het verhaal van het onmogelijke mogelijk. Over doden die worden opgewekt en melaatsen die weer verder kunnen. Over een weg door vele wateren. En ineens verandert de Koning. Hij krijgt een nieuw inzicht, zo lijkt het. Hij wordt geraakt door wat hij lange tijd niet wilde zien en horen.

Maar de vrouw buiten schreeuwt nog steeds om het verlorene. Ze hoopt op een luisterend oor. Op iemand die weet wat zij mist. En door het verhaal van de profetenjongen ziet ineens de Koning haar. Wat hij eerst over het hoofd zag, komt ineens bij hem binnen. Hij wordt even van een Koning tot een profeet en brengt haar bij waar zij naar hunkerde.

Een wonderlijk verhaal over heimwee naar wat verloren is geraakt. Maar ook over hoe een zomaar verhaal levens kan redden.

Aanstaande zondag. Voor de nodige morele herbewapening.

Ad van Nieuwpoort

 
Deze Zondag

Deze Zondag
Van grafsteen tot preekstoel

Hoe kan een mens worstelen met de onomkeerbaarheid der dingen. Die geliefde die niet meer terugkomt. Die misstap die niet meer goedgemaakt kan worden. Het gevoel dat je vastzit en geen kant meer uit kunt. Maar ook die doodlopende oorlog hier niet ver vandaan. De patstelling waar geen beweging meer in de krijgen is. Volgens mij gaat Pasen ook daarover.

Het Paasverhaal van Matteüs loopt uit op een grote steen. Iemand heeft hem zorgvuldig voor het graf gezet. En van overheidswege verzegeld en stevig bewaakt. Alles moet blijven zoals het is. Elke verassing moet worden uitgesloten. Er is geen beweging in te krijgen. Alles zit potdicht. Precies zoals wij vaak onze bestaande orde ervaren. Het enige dat rest is je neerleggen bij je lot.

Maar het mooie van dit absurde Paasverhaal is dat er iets van bovenaf gebeurt. Daar houdt werkelijk niemand rekening mee in de beheerste en verzekerde orde. Er is blijkbaar nog een ander veld. Een gebied waar wij geen regie over hebben. Wat wij Goddank ook niet in kaart kunnen brengen. Ineens daalt een engel uit de hemel af. Dat is vreemd. Dat kan niet. Dat komt niet in onze excelsheets voor. En toch gebeurt het. En die engel wentelt met gemak die steen van het graf en gaat er vrolijk op zitten.

Wat niemand voor mogelijk houdt gebeurt. Net als die Paasweg door vele wateren. Met Pasen gaat open dat voorgoed gesloten leek. De patstelling wordt omver geworpen en ineens is er beweging. Mensen worden aangesproken en uit hun berusting opgewekt. Treurige zielen worden op hun benen gezet en gaan rennen om te vertellen dat blijkbaar wat onmogelijk leek, mogelijk wordt.

Met Pasen worden onze steentjes en stenen afgewenteld. En komt de bevrijder ons in levende lijve tegemoet om ons te laten weten dat niet het lot regeert, maar een stem die zegt: Vrees niet!

We gaan het vieren tegen de klippen op. Met trompetgeschal vanaf de toren. En aloude, bijna vergeten liederen. Opdat we de moed vinden om op te staan.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze zondag

Deze zondag
Fröhlichkeit im Herzen

‘Fröhlichkeit im Herzen’, dat is wat Angela Merkel heeft gedreven in haar ambt, zo gaf zij aan bij haar afscheid als Bundeskanzlerin deze week. Niet het pessimisme en de mismoedigheid de toon laten bepalen, maar de ‘Fröhlichkeit im Herzen’. Het was te merken aan haar leiderschap. Niet voor niets hield zij in haar slotwoord ook een krachtig pleidooi voor empathie. ‘Dat wij met de ogen van anderen leren kijken’. Ook van degenen die het tegendeel vinden van wat jij vindt. Ook van de vreemdeling die je het liefst op een afstand houdt. Een mooi adventswoord in deze verwarrende en donkere tijden.

Die ‘Fröhlichkeit im Herzen’ komen we ook tegen bij dat Moabitische meisje Rut. Zij die in die ontroerende adventsnovelle de stem vertolkt van het geheim dat heel de Schrift draagt. De vreemdelinge die ondanks haar grote verlies nieuwe wegen zoekt. Niet gelooft dat het afgelopen is maar diep van binnen weet dat er toekomst is. Hoe dan ook. Zij blijft niet bij de pakken neerzitten maar gaat erop uit. Op zoek naar brood. Op zoek naar leven. Op zoek naar Tora.

En dan is daar dat toeval. Toeval bestaat wel degelijk. Het is datgene dat ons zonder oorzaak schijnt, zegt Miskotte ergens. Het is wat niet in ons menselijk bedoelen heeft gelegen. Het is het wonder dat op ons toekomt zonder dat wij er de hand in hebben. Rut verzamelt de korenaren die ze aantreft op het veld van haar grote liefde. Van iemand ‘in wiens ogen zij genade vindt’.

En genade is hier in dit verhaal wat overblijft. Wie leeft met ‘Fröhlichkeit im Herzen’ plempt zijn agenda niet vol. Laat efficiëntie niet het één en het al zijn. Maar houdt ruimte over voor het ‘nodige overbodige’. Heel het veld ligt aan de randen vol. Boaz laat zijn maaiers morsig zijn met genade. Opdat anderen ruimte vinden voor leven en uiteindelijk voor liefde.

We snakken ernaar in deze adventstijd. En we gaan achter Rut aan. En tot onze grote vreugde komt ook nog Niki Jacobs zingen samen met haar violist Ro Kraus. Over ‘Fröhlichkeit im Herzen’ gesproken.

Ad van Nieuwpoort

 
 
Deze zondag

Deze zondag


‘Als deze crisis ons ergens van heeft doordrongen, is dat we resonantie nodig hebben om betekenisvol te kunnen leven, om niet opgesloten te raken in onze eigen hoofd, met depressie en waan als gevolg’, aldus Bas Heijne onlangs in NRC Handelsblad. In zijn verhaal voor de Museumvereniging schetst hij het museum als plaats bij uitstek waar de resonantie wordt gezocht. ‘Je wordt aangeraakt door iets dat buiten jezelf staat, een schilderij, een beeld, een gebruiksvoorwerp uit het verleden, een creatie voor de toekomst.’ Alleen is het probleem dat wij die ervaring van ‘resonantie’ vaak zelf in de weg staan. De files voor de Mona Lisa blokkeren wat je zoekt. Maar ook onze eindeloze neiging tot reproductie met onze ‘selfies’ en behoefte om de dingen vast te leggen maken het vaak onmogelijk iets nieuws binnen te laten komen. 

Daarover gaat het ook in het verhaal van aanstaande zondag. Rabbi Jezus zit te midden van de fine fleur van de gevestigde orde. Geleerden uit de wijde omgeving hebben hem opgezocht vanwege zijn nieuwe interpretatie van oude bronnen. Onder hen vooral ook degenen die het erfgoed willen bewaken en huiverig zijn voor nieuwlichterij. Past wat deze uitlegger te zeggen heeft wel binnen de kaders die wij hoog willen houden? 

Maar terwijl zij druk aan het discussiëren zijn, is daar een verlamde. Een mens die lamgeslagen is en niet meer in staat is, zijn leven te leven. En die mens staat misschien wel voor wat ook wij deze dagen ervaren. Maar gelukkig zijn er in zijn omgeving mensen die zich niet bij die verlamming neerleggen. Zij aanvaarden zijn lot niet en hopen op beterschap. Mensen die de bediscussieerde Schift misschien wel beter begrijpen dan al die geleerden bij elkaar. Ze willen hun verlamde vriend bij Jezus brengen. En doen daarmee waar heel de Bijbel vol van is. Was het niet Jezus die sprak over het grote jaar van bevrijding?

Maar er is een filevorming ontstaan rondom Jezus. Al die mensen die Jezus willen inpassen in hun kaders staan hun eigen verlangen naar ‘resonantie’ in de weg. Er is geen plaats voor die verlamde die zij misschien allemaal ten diepste zelf wel zijn. Dan moet die verlamde maar door het dak, zo denken zijn vrienden. Dwars door de bestaande orde heen, de diepte in. Om daar nieuw leven te vinden.

De verlamde breekt dwars door onze façades heen. Om ons wakker te schudden en ons open te breken. ‘Sta op en wandel!’ is het verassende woord dat alles nieuw maakt. Om die resonantie te kunnen ervaren, hebben we deze rabbi nodig, zo blijkt.

Opdat we niet opgesloten raken in ons eigen hoofd…

Ad van Nieuwpoort
 

 
Deze Zondag

Deze Zondag

Dat lachen zullen zij die wenen’

 

We leven in tijden van een groot demasqué. Wat zich deze dagen afspeelt rond het showbizz-sprookje van The Voice of Holland zien we op tal van fronten in onze samenleving gebeuren. Zoals nu idolen van hun voetstuk vallen zo lijkt de politiek haar gezag te verliezen. Instanties die bedoeld waren om menselijk samenleven te bevorderen, ook de kerken, vallen door de mand. Al die mensen en instituten waar we nog niet zo lang geleden op durfden te vertrouwen, worden ontmaskerd als hoogst ambigu. De tijd is haar onschuld kwijt. Waar we waarde aan hechtten of plezier aan beleefden, lijkt te zijn bezoedeld. Kunnen we nog ergens van op aan? En waar zitten wijzelf in dit spectrum?

 

In het verhaal van Elia is ook sprake van een grote ontmaskering. De machthebbers hebben goden binnengehaald waar het volk in is gaan geloven. Religie als opium. Opdat er maar geen kritische vragen meer worden gesteld. Geen lastige verhalen over bevrijding uit knechtschap, of liedjes als ‘de eersten worden de laatsten’ meer. Maar enkel adoratie van eigen projecties. Idolen op standbeelden. Uitvergrotingen van het eigen Ego. Heerlijk vermaak. Maar ondertussen worden kleine mensen vertrapt, kinderen geofferd en profeten vermoord. Het is niet om aan te zien.

 

Elia wil het aan de kaak stellen. Maar hoe doe je dat? Hij daagt het volk uit om kleur te bekennen. Maar het blijft ijzig stil. Niemand durft. De mensen zijn geworden als hun goden: stom, blind en doof. En daarom laat hij ze hun goden wakker schudden. Maar net als het volk, zwijgen ook de goden. Daar staan ze dan. Allemaal in hun hemd. Daders en slachtoffers. De enige die is overgebleven is die roepende in de woestijn.

 

Elia’s ontmaskering spreekt boekdelen. Want niemand ontkomt. Wijzelf ook niet. Ik niet. En Elia zelf ook niet. Breken er al andere tijden aan? Elia ziet na lang turen op de Karmel een klein wolkje. Aankondiging van wat weldadige regen voor een verdroogde wereld. Teken van hoop. Teken dat het spel van de goden ooit zal zijn uitgespeeld en de onderste steen boven. ‘Dat lachen zullen zij die wenen’.

Aanstaande zondag neemt Elia ons weer bij de hand. Opdat we niet vergeten wie het laatste woord heeft.

 

Ad van Nieuwpoort

 
Deze zondag

Deze zondag

Zondag 13 juni 2021, derde zondag van Pinksteren
 
Aan den lijve

Met een mooi moreel kompas alleen red je het niet. Die bevrijding moet aan den lijve ervaren worden. Het moet in je lijf gaan zitten. In je hoofd en in je hart. En ook daar waar je potentie zit. Het moet een manier van leven worden. Anders wordt het een mooi domineesverhaaltje in dienst van de koopman die alleen maar uit is op gewin. Als je zelf de bevrijding niet geproefd hebt, hoe kan je dan een bevrijder van mensen worden?

Daarover gaat dat wonderlijke verhaal in het boek Jozua dat meestal wordt overgeslagen. Voordat het veelbelovende land kan worden betreden, moet er eerst een besnijdenis plaatsvinden. Laten we dat vooral niet al te letterlijk nemen. Dat eendimensionale leven dat neigt naar verslaving aan van alles, moet besneden worden. De apostel noemt het zelfs de besnijdenis van het hart. Willen we niet steeds terugvallen in de benauwde smaadpatronen van Egypte, zal ons gesloten leventje opengebroken moeten worden. Pas dan ontdekken we dat het leven een geschenk is en dat we vrij gemaakt zijn om tot onze bestemming te komen.

Dat volk is als die verlamde man in het evangelie die al achtendertig jaar wacht op een medemens. Een verloren leven lijkt het. Alles voor niets met de dood als bestemming. Maar dan is daar dus iemand die deze verlamde man aanspreekt en hem wegtrekt bij dat leven dat alleen maar gaat over de vraag wie de eerste is. Dat Egyptische slavenbestaan. Een stem van liefde besnijdt zijn verlamde leven. En hij staat op. En hij wandelt het nieuwe leven in.

En zo zien we dat geknechte slavenvolkje opstaan om het leven te omhelzen. Het leven zoals het is bedoeld. Het echte leven samen met al die anderen die ook zo smachten naar bevrijdingsadem.

Dat volkje, die verlamde man. Misschien zijn wij het wel. Op weg naar een nieuwe tijd. We gaan het meemaken aanstaande zondag. Op hoop van zegen. En met de verrassende celloklanken uit Brazilië. Met steeds wat meer mensen.

Ad van Nieuwpoort
 

 
Deze zondag

Deze zondag

Muren

Overal in de wereld werpen mensen muren op. Muren om de eigen rijkdom te beschermen. Muren om opgebouwde zekerheden veilig te stellen. Muren die het gevoel van vrijheid moeten geven. Muren die het vreemde buitensluiten. Muren van verdeeldheid. Maar ook muren tussen mij en die ander. Muren waarachter ik mij kan verschuilen. Muren, opdat ik maar niet het achterste van mijn tong hoef te laten zien. Muren worden gebouwd waar het vertrouwen ontbreekt en de angst regeert.

Aanstaande zondag lezen we in het profetenboek Jozua het verhaal van de ommuurde stad Jericho. Niemand kan eruit. Niemand kan erin. Alles zit potdicht. Er is geen beweging in te krijgen. De lockdown is compleet. Wat het veelbelovende land had moeten zijn, blijkt een totalitair systeem waar je niet meer in of uit kunt. Het is een veelzeggende metafoor voor de systemen waarin wijzelf vaak opgesloten zitten.

Hoe doorbreek je al die muren? We zien in het verhaal een wonderlijke optocht rondom de stad. Elke dag maakt het exodusvolkje een rondgang. En op de zevende dag gaan ze zeven keer om de stad heen. In het midden van die lange stoet is daar weer die kist met wat bevrijdingswoorden erin. En we zien sjofars. Langwerpige toeters die moeten aankondigen dat de bevrijding gaat beginnen. Meer is het niet.

Niet met geweld worden muren neergehaald, zo wil het verhaal. Maar met liedjes van bevrijding. Met de wekelijkse oefening van de liturgie. Geen gezicht vaak. De bewoners van Jericho halen hun schouders op. Maar die liturgie blijkt sterker dan welk leger ook. Het is wat we elke zondag in de kerk proberen te doen. En gelukkig nu met steeds wat meer mensen.

Aanstaande zondag. Met Joshua fit the battle of Jericho en andere bevrijdingsliedjes. Voor wie zoekt naar wat moed om muren te kunnen doorbreken.



Ad van Nieuwpoort

 
Deze zondag

Deze zondag
Hoop

‘Hoop is de kwaliteit van de ziel en hangt niet af van wat er in de wereld gebeurt’, zo moet Vaclav Havel ooit gezegd hebben. Een waar woord in een tijd die gedomineerd wordt door een giftige polarisatie, grote zorgen om het klimaat, een aanhoudende schreeuw van gevluchte medemensen aan onze grenzen en gebrek aan lef en visie. Als ‘hoop’ afhankelijk zou zijn van wat we om ons heen zien en ervaren, zou er niet veel van overblijven. We zullen ons moeten oefenen in een andere manier van kijken en ervaren.
Daarbij helpt het bijbelverhaal dat komende zondag aan de orde is. Aartsmoeder Rachel is in barensnood, zo horen we. Zij die geroepen is om ons een nieuwe toekomst aan te zeggen, sterft onderweg naar Bethlehem. Een tragisch lot, zouden wij zeggen. Maar de verteller wil meer zeggen. Wil een tandje dieper spitten. Hier gaat het over een vrouw die met haar dood de laatste zoon van Israël het leven geeft. Als een graankorrel gaat zij in de aarde en wordt zo tot een voedingsbodem van een nieuwe, veelbelovende toekomst.
Daarover moet het gaan. Ook als wij de namen zullen noemen van hen die wij moesten loslaten. Hun dood en de dood van al die andere namen die wij met ons meedragen is in onze gedachtenis niet het laatste en het beslissende. Wij leven van wat zij ons geschonken hebben. En zo leren we met Jakob anders te kijken. Niet met de blik van de ondergang, maar met een hoopvolle visie op wat komen gaat.
Rachel wordt begraven op weg naar Bethlehem. En dat is niet voor niets. Haar graf staat in de richting van de plaats waar de vredevorst zal opstaan om het gif, het verdriet, het onrecht en de leugen te keren. Dat perspectief is de hoop waar Havel het over had.
Aanstaande zondag is de zondag van de gedachtenis van de namen. Met het Kol Nidrei van Max Bruch en liederen waarmee wij ons moed kunnen inzingen. Opdat onze hoop op een nieuwe wereld gevoed en versterkt wordt!

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze zondag

Deze zondag
Haags ontzet

‘Je kunt een kind wel uit de oorlog halen, maar hoe haal je de oorlog uit een kind?’ Het is de bekende, maar indringende slogan van een van de vele hulporganisaties voor oorlogsslachtoffers. Hoe waar. Je kunt wel uit een benauwde situatie zijn gered, maar soms blijf je je leven lang nog de stemmen, de geluiden, horen. Ze bepalen je leven.
Bij de mens die Jezus in het verhaal van komende zondag ontmoet, loopt er een heel leger door zijn ziel te stampen: ‘Legioen’ zegt hij te heten, want gekte en wanhoop kennen vele vormen en stemmen. Hoe herkenbaar. Niet alleen in de verhalen van vluchtelingen uit oorlogsgebieden, maar ook in onze kleine, stadse levens: welke ‘legers’ marcheren er door onze zielen, hoezeer zijn we ‘bezet’ door al die stemmen uit het verleden, of eigen angsten, obsessies? Voortgedreven door verwachtingen, van anderen of van onszelf?
Op weg naar Pasen gaat Jezus het gevecht aan met dat hele legioen dat in die mens huist: als Mozes tegen het hele leger Egyptische slavendrijvers, zo spreekt ook Jezus tegen die bezettingsmachten in. Al die stemmen, al die angsten en obsessies stuurt hij het water in, en net als dat leger van slavendrijvers gaan ze kopje onder. Ze leggen het loodje, door dat liefdeswoord van de Messias – die man Gods die eenvoudigweg vroeg naar zijn náám: Wie ben je? Hoe heet je?
Een vraag die alles zo maar op z’n kop kan zetten. Maar niet iedereen is er blij mee, met zo’n rabbi die morrelt aan de bestaande orde. In plaats van dankbaarheid volgt er een uitzettingsprocedure: of Jezus alsjeblieft maar weer wil gaan. Het is een prelude op wat nog komen gaat: voorbode van alle woede en onvrede die zich straks op hém zal werpen. Ten dode toe, kopje onder…

Aanstaande zondag reizen we mee naar het land van de Gerasenen om ons even te laten ‘ontzetten’ uit alles wat ons bezet. Om weer een beetje mens te worden.

Mirjam Elbers
 
 
Deze zondag

Deze zondag
Van wie kunnen wij op aan in deze crisistijd? Wie verdient ons vertrouwen? Dat zijn misschien wel de vragen die ons deze dagen bezighouden. Met wie wagen we het in de mist van deze tijd? Waarin niemand echt weet welke kant we op moeten?

Wij lijken deze dagen misschien nog wel het meest op de Emmaüsgangers. Twee mannen in het verhaal van Lukas die gedesillusioneerd Jeruzalem verlaten. Ze lopen het grote hoopvolle visioen uit. Al hun vertrouwen hadden zij gesteld op die ene Rabbi die hen veelbelovend voorging. Maar het is geëindigd in een deconfiture. Hij die alles in zich had om de wereld te veranderen is monddood gemaakt.

Daar gaan ze. Verstrikt in hun zelfgesprek. Het enige dat rest is bevestiging van teleurstelling. Voedingsbodem voor veel ellende, zo weten we. Maar gelukkig worden ze daarin niet alleen gelaten. Ineens is daar een vreemdeling die hun vastgelopen gesprek bevraagt. Een die hun de ruimte geeft helemaal hun verhaal te doen. Zonder hen te onderbreken. Teleurstelling moet taal krijgen voordat we verder kunnen. Anders wordt angst de drijvende kracht.

En als ze helemaal uitgesproken zijn, opent die vreemdeling het boek van Mozes en de profeten. Het verhaal dat gaat over het onmogelijke dat zomaar mogelijk worden kan. Het verhaal dat gaat over uittocht uit desillusie en wanhoop. Een verhaal dat ermee rekent dat de dood niet het laatste woord heeft.

Als zo’n vreemdeling met jou aan tafel zit, dan wordt het Pasen. Dan ziet alles er ineens even heel anders uit. Die vreemdeling neemt ons bij de hand en wijst ons de weg terug naar dat grote visioen van een andere wereld. Een wereld waarin de liefde sterker blijkt dan wat ook.

In dat visioen dompelen wij op Paasmorgen twee meisjes onder, in doop en zegen. In alle vroegte horen we de trompetklanken al vanaf het kerkplein schallen. En zingen gaan we. Veel zingen. De angst en de desillusie te boven.

Ik wens u een bezielend Pasen
 
Deze zondag

Deze zondag

Weg

De Vlaamse psychiater Dirk de Wachter vergeleek onlangs onze tijdgeest met een speedboot, TINA genaamd: There Is No Alternative. Vooraan staan blitse jongens in dure pakken champagneflessen leeg te spuiten. Maar achteraan vallen mensen uit de boot, omdat het zo snel gaat en er geen relingen zijn. En achter die boot varen de psychiaters en psychologen in rubberbootjes om die mensen op te vangen. Met die mensen, spartelend in het water, is niks mis. Het zijn gewone mensen zoals u en ik die deze ratrace niet aankunnen en opgevangen moeten worden. Een misschien wat overtrokken beeld, maar tegelijk ook heel raak. En de vraag is natuurlijk: in welke bootje zitten wij? Hoe houden we die tijdgeest van ons lijf? En hoe vinden wij een weg door alle obstakels van het leven heen? Een weg die leidt tot ware menselijkheid?

Daarover gaat het metaforische verhaal van Jozua. Wil dat kwetsbare mensenvolkje het veelbelovende land kunnen betreden moet het door de wateren van de Jordaan. Het wordt verteld als een rite de passage. Die wateren van de Jordaan verwijzen naar de chaoswateren uit Genesis. De wateren die bedwongen moeten worden, willen ze ons niet overspoelen. We komen ze tegen door heel het Bijbelverhaal heen. En wie kent die wateren niet? De grote hinderlagen die ons belemmeren te worden waartoe wij zijn bedoeld. De doodswateren die op de loer liggen om ons leven te bedreigen.

Het volk moet achter de ark aan. In die ark ligt de Tora. Het bevrijdingspamflet. Een blauwdruk voor goed menselijk leven. Noem het een moreel kompas. Heel precies op goede afstand moeten ze achter die ark aan. Want waar die ark gaat, wijken de wateren. Daar is een weg om te gaan. Geen speedboot waar je van afvalt maar een veilige weg die dwars door alle hindernissen wordt gebaand.

Over die weg gaat het aanstaande zondag. En in de verte zien we ook Jezus de wateren betreden. Als een levende ark die maakt dat wij gaan kunnen. Zonder angst en vrees. Op weg naar een nieuwe tijd. En naar goed land.

Ad van Nieuwpoort


 

 
Deze zondag

Deze zondag
Jij die mij ik maakt

‘We zijn zeventien miljoen kleine zelfstandigen geworden, die zelf bepalen welk risico ze willen nemen’, aldus Gabriël van den Brink deze week in NRC Handelsblad. Het hyperindividualisme is na decennia liberale politiek tot diep in de haarvaten van de samenleving doorgedrongen. Terwijl we allemaal kunnen weten dat samenwerking en solidariteit met elkaar de enige manieren zijn om werkelijk verder te komen in de geschiedenis. Ook deze dagen schieten we onszelf in onze eigen voet als we beweren dat we zelf wel uitmaken wat we doen en wat we zeggen. De crisis waarin we zitten is misschien wel vooral een burgerschapscrisis, zo zei ook Sander Schimmelpenninck van de week in zijn Volkskrant-column.

Ook Jakob ging vooral voor zijn eigen hachje. Met groot succes overigens. Zijn vergaarde rijkdommen zijn indrukwekkend. Een succesvol man, zouden wij zeggen. Hij past zo in de Quote500 lijstjes. Alles wat hij wilde, heeft hij. Maar vorige week voelden we al: er ontbreekt iets. Iets fundamenteels. Iets dat niet te verbloemen is met economische groei of een tegen de plinten klotsende welvaart. Het allerbelangrijkste in zijn leven is niet gelukt. Hij probeerde ervoor weg te vluchten, maar het hijgt in zijn nek. Het maakt hem diep ongelukkig. Het betreft zijn broeder. Zijn naaste. Zijn medemens. De mens die is als hij.

Om dat te kunnen ontdekken moest Jakob worden afgepeld. Laagje voor laagje. Een man worstelde met hem in de nacht. Jakob moest zijn naam inleveren. Zijn grootste struikelblok en valkuil. Jakob kon niet als ‘pootjeshaker’ terugkeren in het veelbelovende land. Pas toen hij zelf zijn naam onder ogen zag, kwam er ruimte. En kon hij even zien het aangezicht van hem die hem tot op het bot liefheeft. Die voor lief neemt zijn onvermogen. En toen kon hij gaan. Toen pas was hij in staat om zijn broeder in de ogen te zien. Niet als de grote concurrent en tegenspeler, maar als zijn broeder. Zonder wie hij niet worden kan zoals hij is bedoeld.

Zoals hij werd aangezien in liefde, zo kan hij nu zelf ook naar zijn broeder kijken. In die broeder, in die naaste, in die medemens komt er iets aan het licht van wat hij ‘God’ wil noemen. In het aangezicht van je broeder Gods aangezicht zien. Daar gaat het misschien wel om. Dat je in de ontmoeting met de ander pas wordt die je bent. De medemens als een jij die mij ik maakt. Zonder dat redden we het niet. Juist ook deze dagen.

Aanstaande zondag lezen we Genesis 33. Actueler kan bijna niet. Kom vooral. De te nemen fysieke afstand die we weer in acht moeten nemen, hoeft de onderlinge verbondenheid niet in de weg te zitten.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze zondag

Deze zondag
Tegengif tegen de kaalslag

En weer wordt er een spaak in het wiel van ons dagelijkse leven gestoken. Dat onbeheersbare virus gaat zijn ongekende gang. En we voelen aan alles: hier zullen we mee moeten leren leven. Maar tegelijk stelt ons dit ook voor de meest existentiële vragen. Wat is vrijheid als mijn individuele keuze het samenleven belemmert? En wat is voor ons echt onopgeefbaar?  Waar kunnen we niet buiten? Bijna twee jaar geleden gingen we die vragen nog geïnspireerd aan. Maar aan alles en iedereen merken we dat er een mentale kaalslag heeft plaatsgevonden. Een kaalslag die overigens al veel langer sluimerde.

In het verhaal van aanstaande zondag wordt er gesproken over een hongersnood in het beloofde land. En die honger waarover het gaat is meer dan alleen een fysieke honger. Als het over honger gaat in bijbelverhalen, gaat het ook altijd over een mentale, een geestelijke honger. Een kaalslag die maakt dat mensen op drift raken.

Een gezin uit Bethlehem, Broodhuis vlucht weg. De route wijst in de richting van Egypte, dat slavenland waar nauwelijks adem kon worden gehaald. Maar met deze vlucht gaat het van kwaad tot erger, zo blijkt. Dat heb je wel vaker als je ergens voor wegvlucht. Want veel blijft er van dat gezin niet over. Een vader met zijn twee zonen sterven en laten Naomi, de enige vrouw, berooid achter. Geen enkele reden voor hoop en nieuw elan. Alles is haar afgenomen, zo lijkt.

Maar dan is daar die ene schoondochter. Een Moabitische vrouw die gezien haar afkomst geen best imago heeft. Maar in haar gaat het licht aan in dit donkere verhaal. Heus adventslicht. Rut gaat niet voor haar eigen individuele vrijheid maar staat in voor het collectief, voor het samen. Ze weigert van de zijde van Naomi te wijken.

In de kaalslag van de tijden is daar uit totaal onverwachte hoek een stem die zegt: ik zal met jou gaan. Ik laat jou niet alleen. Jouw volk is mijn volk, en jouw God is mijn God. Zelfs de dood zal geen scheiding maken tussen jou en mij…

Wie zegt dat? Wie waagt dat te zeggen? Is het een stem uit de hemel? Is het degene die wij God noemen? Nee, het is een vreemdeling die ons uitlegt hoe het hopeloze tij te keren.

Aanstaande zondag. Op anderhalve meter maar wel samen. Met een startend Kinderkoortje en troostende vioolengeltjes. Tegen de klippen op steken we de eerste adventskaars aan.

Tegengif tegen de kaalslag.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag

Terug naar de tekentafel

Hoe heerlijk is het als je in je leven tegen iemand kan aanleunen. Een wijze leermeester. Een moeder, een vader, een vriend of vriendin. Iemand die jou een weg wijst. Iemand die wijzer is dan jij bent. Die nog een beetje weet hoe de dingen zo geworden zijn als ze zijn. Iemand op wiens schouders je kan zitten om je verder te laten kijken dan je van huis uit deed. Maar hoe ingewikkeld als je zo iemand moet verliezen. Als je ineens het gevoel hebt: nou moet ik het zelf doen. Ik kan niet meer terugvallen op iemand, er zijn nu mensen die terugvallen op mij. Mensen die op mij rekenen. Maar kan ik dat dan wel? Ben ik daartoe wel voldoende toegerust? Wat heb ik nodig om zelf die leraar te worden die ooit mij een weg wees in de mist van de tijd?

Daarover gaat het verhaal van Elia en Elisa, aanstaande zondag. Hij die in de voetsporen van Elia ging, moet nu alleen zijn weg vinden. Maar voordat Elia van Elisa wordt weggenomen, neemt Elia hem nog één keer mee naar de weg die zijn leerweg was. Elia neemt Elisa mee naar de bron van zijn bestaan. Zoals dat nog weleens gebeurt aan een sterfbed als iemand probeert taal te geven aan wat hem droeg, wat hem troostte, wat voor hem betekenisvol is geweest. Als een moeder die nog iets wil meegeven aan haar kinderen of aan haar kleinkinderen.

Daar gaan ze. In de richting van de Jordaan. De plek waar ooit Mozes werd begraven door JHWH zelf. Het water waar ooit dat vernederde slavenvolkje doorheen ging in de richting van het land van belofte. Dáár gaan ze samen heen.

Als je het niet meer weet in je leven, dan moet je terug naar de tekentafel. Terug naar je beginsel. Terug naar waar het om gaat. Alleen zó kan er een nieuw begin worden gevonden.

En als Elia wordt onttrokken aan de ogen van Elisa, schreeuwt Elisa het uit. Hoe moet dat nu met mij? Hoe moet ik nu verder? Maar dan ligt daar op de grond de profetenmantel van Elia. Het is de mantel die ook zondag in ons midden wordt gelegd. En de vraag is: pakken we hem op of laten we hem liggen?

Aanstaande zondag mogen we weer ongedwongen samenkomen. En ik hoop van harte dat we de moed vinden om achter onze schermen vandaan te komen om te vieren dat er een verhaal is dat ons verder helpt in deze verwarrende tijden. Diederik Smulders komt voor ons weer Bach spelen en de liederen liggen klaar om gezongen te worden.

Ad van Nieuwpoort

 
Deze Zondag

Deze Zondag
Hoop

‘Ik wil niet dat jullie mijn portret in jullie kantoren ophangen’, aldus Volodymyr Zelensky bij zijn aantreden in 2019. En hij vervolgde: ‘Hang foto’s op van je kinderen, en kijk ze in de ogen bij elk besluit dat je neemt’. Deze zelfde Zelensky vecht nu als een Davidje tegen Goliath in een oorlog die heel Europa en daarmee heel de wereld op haar grondvesten doet schudden. Het is niet om aan te zien hoe levens van mensen zoals u en ik in één klap worden ontwricht vanwege een angstig mannetje, levend in een parallelle waanwerkelijkheid. Er is van alles over te zeggen, ook over de rol van het Westen, maar wat hier gebeurt lijkt elk restje vertrouwen in de toekomst op losse schroeven te zetten. Waar halen we in deze tijd onze veerkracht vandaan? Hoe redt die Zelensky het in deze helse dagen?


In het verhaal van komende zondag lezen we over een voorname vrouw die leeft te midden van haar volk. Geen arme weduwe maar een vrouw van stand, zo wordt gesuggereerd. Aan de buitenkant ziet het er allemaal heel indrukwekkend uit, maar achter haar voordeur schuilt haar nood. Een toekomst is er voor haar niet. Ook deze vrouw leeft in een context van eenzame machthebbers die hun land vastzetten in de angst.

Deze vrouw houdt het vol omdat zij in haar leven een plaats inruimt voor het visioen van een andere, menselijker wereld. Heel letterlijk bouwt zij op haar huis een appartement voor de profeet. Daar wil zij zich aan vasthouden. Zo blijft zij wakker in tijden van verdrukking. Zo houdt zij hoop en blijft ze veerkrachtig.

Maar de profeet legt wel precies de vinger bij haar zwakste plek. En dat is haar toekomstloosheid. Er moet een zoon komen. Iemand die laat zien hoe wij eraan toe zijn. Maar tegelijk ook iemand die laat zien dat leven sterker is dan de dood, zoals ook Zelensky deze week zei. 

We zien die vrouw met een dode zoon op haar schoot. Een aangrijpend beeld. Juist ook deze dagen. Maar goddank is er een visioen dat laat zien dat uiteindelijk niet de toekomstloosheid het laatste is, maar een woord dat vlees werd. Een zoon die niet wegloopt voor het lijden maar de drinkbeker tot de laatste druppel leegdrinkt. Om aan te kondigen dat de oorlog niet zal winnen. De profeet roept ons op in de ogen van deze zoon te kijken…

We wagen het in aanstaande zondag met dit verhaal van hoop in donkere dagen. Maar ook met de vreugde om de mensen onder ons die steeds weer opstaan om voor dit verhaal randvoorwaarden te scheppen. 

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag

De stem van één meisje

‘Wat nemen wij op de koop toe, en wat durven wij blijvend in de baan van de tank te zetten?’, zo vraagt Beatrice de Graaf zich af in haar analyse van wat op dit moment Europa op haar grondvesten doet schudden. We sturen hulpgoederen, wapens en bieden opvang, tot aan de grens van nucleaire escalatie, maar wat is ons verhaal? ‘Ook wij hebben hulp nodig’, zo zegt De Graaf, ‘niet materieel, maar immaterieel en ideologisch’. Wat zij wil zeggen is dat deze oorlog ook een vraag aan ons stelt. Waar staan wij? Wat willen wij met ons leven verdedigen? Deze oorlog opent onze ogen voor wat wij zo vanzelfsprekend zijn gaan vinden. Democratie bijvoorbeeld. Of de rechtstaat. Zaken die kwetsbaarder zijn dan ooit. Zaken die vragen om een verhaal, om bezinning en reflectie.

Ook in het verhaal van aanstaande zondag lijkt de koning van het beloofde land alleen maar in oorlogstermen te kunnen denken. Vijandbeelden worden bevestigd en woekeren de angst aan. Niemand vertrouwt elkaar meer. Wapens tegen wapens en er zijn alleen maar verliezers. Mensenleed op grote schaal. Wie doorbreekt het?

In het rijk van Naäman de Syriër weet niemand het behalve één meisje. Zomaar een naamloos meisje op rooftocht buitgemaakt. Een Hebreeuws meisje is het. In het ziekmakende systeem waarin iedereen zit opgesloten weet zij een uitweg. Te midden van al dat overheersende wapengekletter weet zij van een profeet. Een verhaal dat anders is. Een visioen dat sterker is dan welke tank ook.

Maar om dat verhaal te kunnen ontdekken, moet je wel kopje onder in de Jordaan. Je moet iets proeven van die weg door de wateren heen. Of zoals Jezus het zegt: je moet jezelf durven verliezen. Je Ego opzij kunnen schuiven. Wie zich daar te min voor voelt blijft gevangen in angst. Maar wie die weg durft te gaan, wordt opnieuw geboren.

Een soft verhaaltje lijkt het. Niet te doen als een tank in je tuin staat. En toch zijn dit de reddingsboeien die ons worden toegeworpen. Woorden die ons willen uittillen boven de angst. Begeleid door liedjes tegen de klippen op en vioolengeltjes die troosten.

Ad van Nieuwpoort

 
Deze Zondag

Deze Zondag
Oculi

Ineens was ze daar. In het best bekeken journaal van Rusland. Marina. Een moeder van twee kinderen en zelf jarenlang werkzaam achter de schermen van de Russische staatstelevisie. Ineens stond ze daar met haar boodschap: ‘Stop de oorlog! Geloof de propaganda niet, ze liegen je voor’. Vele miljoenen Russen zagen voor het eerst iets van protest tegen een stilgehouden oorlog. Marina overwon haar angst. Met gevaar voor eigen leven. Maar ze deed het. Een moedige moeder die een poging waagt het oorlogstij te keren. Als een profeet stond ze daar. Om te zeggen wat er echt aan de hand is. Om op te komen voor de confronterende waarheid.

Aan haar moet ik denken bij het verhaal van aanstaande zondag. De koning van Aram valt zomaar weer het beloofde land binnen. Zo’n roofpartij is blijkbaar van alle tijden en alle plaatsen. In het geheim voorbereid met zijn ja-knikkers. Misschien wel onder het mom van ‘oefeningen’ om daarna tot een groot bloedvergieten over te gaan. Niemand heeft het in de gaten. Behalve de profeet. Hij hoort en ziet wat er echt gebeurt. Hij laat zich niet in slaap sussen. De profeet is wakker en ziet dat waar iedereen voor wegkijkt.

Maar de profeet kijkt niet met de ogen van de angst. Hij kijkt met de ogen van hoop. Met de ‘Blick der Erlösung’, zou Walter Benjamin zeggen. Hij ziet meer dan alleen de feitelijke werkelijkheid. Hij kijkt dwars door al die tanks en kanonnen heen en weet: het woord van liefde is sterker dan wapengekletter. Is sterker dan de dood.

Die profetische blik tilt hem uit boven zijn angst en maakt dat hij doet wat niemand voor mogelijk houdt. Hij dekt de tafel voor zijn vijanden en gaat met hen eten en drinken. Een betere manier om van je vijanden af te komen is er niet.

Dat zien wat de profeet ziet, dáár gaat het om. Kijken met de ogen van de hoop. Dan zou het zomaar kunnen dat je dingen gaat doen die je niet voor mogelijk hield. Net zoals Marina.

Aanstaande zondag: oculi. Dat onze ogen opengaan en het Pasen wordt…

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Leegte maakt kwetsbaar. Wanneer je een beknellende situatie achter je hebt gelaten, maar het nieuwe is nog niet gekomen, sta je vaak wat eenzaam en alleen in de wereld. Vatbaar voor stemmingen, voor nieuwe bakens, voor alles wat maar houvast biedt. De verslavende machten staan in de rij om de leegte te vullen. ‘Horror vacui’, angst voor de leegte, gaat niet alleen over volgeschilderde plafonds en overvolle vazen uit vroeger tijden. Ook in ons eigen leven is een vacuüm snel gevuld. Eén blik in een treincoupé is genoeg om te zien hoe wij op lege momenten in de greep raken van machten die een heel eigen agenda hebben. Apple, Tiktok en Facebook bezetten onze tijd en onze ruimte, maar ook het geklets waarmee ongemakkelijke stiltes worden opgevuld, is er een voorbeeld van. Waarmee vullen wij de leegte, die zo kenmerkend is voor onze cultuur? Of is er wellicht in die leegte ook nog een ander verhaal gaande?

Na de uittocht uit Angstland Egypte (Pasen) en het horen van de tien bevrijdingswoorden (Pinksteren) staan de kinderen van Israël nog altijd onderaan de voet van de berg. Wachtend op hun leider die maar niet komt. Ze kampen met een vergelijkbare leegte, met ongemak en met nostalgie – verlangend naar een ‘quick fix’.
Op deze zondag Trinitatis staan we stil bij die leegte – om tegelijk te horen van een heel ander verhaal, dat boven op de berg gaande is: een gesprek tussen de mensengod JHWH en de bemiddelaar Mozes die, zonder dat ze het onderaan de berg in de gaten hebben, voor zijn mensen pleit. Een ware bondgenoot in de leegte van onze tijd.

Mirjam Elbers
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Veerkracht

Ze was helemaal niet zo’n stoere vrouw. Ze dook eerder weg als haar iets gevraagd werd. Sommigen noemden haar onzeker en instabiel. Tot het moment dat ze ziek werd. Toen er helemaal geen perspectief meer was en iedereen de hoop had opgeven, stond ze op. En kwam ze aan het licht als een buitengewoon veerkrachtige vrouw. Tot verbazing van iedereen. Veerkracht. Psychologen omschrijven het als het vermogen om persoonlijke crises goed het hoofd te kunnen bieden. Maar de vraag is waar je dat vermogen vandaan haalt. Hoe versterk je je eigen veerkracht en de veerkracht van anderen? Ik kijk met bewondering naar al die mensen die zich niet weg laten schoffelen door wat hun overkomt. Ook deze dagen in de Oekraïne. Wat is het? Veerkracht? Draagkracht?

Het Exodusverhaal van aanstaande zondag nadert zijn hoogtepunt. De berg Sinaï komt in het vizier. Ze hebben al een woestijntocht van drie maanden achter de rug. Om van een slaaf te worden tot een vrij mens is geen sinecure. Dat doe je niet even. Basisvertrouwen is er niet zomaar. Dat heeft tijd nodig. En pas als er wat vertrouwen is gegroeid komt er ruimte voor veerkracht.

Onder die heilige berg is daar ineens een stem die het allemaal voor hen samenvat. ‘Ik heb je op adelaarsvleugels gedragen’, zo zegt die stem. Iemand heeft jou weggedragen uit de benauwdheid vandaan om je in de beschermende geborgenheid van de liefde te brengen. Dat is de weg waarop je gezet bent. Er is een draagkracht. Niet zozeer in jezelf maar in hem die jou zijn geliefde noemt. En die draagkracht heeft maar één doel. Dat je zelf leert vliegen als een vrij mens.

Je wordt gedragen tot veerkrachtigheid. Dat is het idee. Als je weet van die vleugels, dan red je het. Dan ontstaat zoiets als vertrouwen en veerkracht. Als je weet dat je niet het eigendom bent van de slavendrijvers en de slavenmoraal, maar van hem die jou heeft bevrijd.

Daarbij blijven. Je daarvan niet af laten leiden. Dat is jouw redding. Dan leer je leven als een getroost mens met veerkracht.

We gaan ervan zingen en van eten. Voor het eerst weer sinds lange tijd. Met uittochtsbrood en wijn. Samen met onze vrienden aan de andere kant van het Haagse Hout en met onze broeders en zusters uit Leipzig.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Transitie

‘Het huidige gevoel van chaos en onbehagen heeft alles te maken met de overgang naar een nieuw tijdperk’, aldus transitiehoogleraar Jan Rotmans. Ik hoor het deze dagen overal om mij heen. De systemen waarin wij leven en denken piepen en kraken aan alle kanten. Onze samenleving lijkt op vele fronten vast te lopen. En je voelt: het moet anders. Maar hoe? We staan voor uitzonderlijk grote uitdagingen deze dagen. ‘Maar om de maatschappij opnieuw vorm te kunnen geven, zullen we vooral de strijd aan moeten gaan met onze grootste tegenstander. En dat zijn wijzelf’, zo vervolgt Rotmans. Wat is er voor nodig om echt wezenlijk te kunnen veranderen? Kunnen wij dat wel? Bevestigen onze zelfgemaakte oplossingen niet vaak ook de systemen waarin wij juist zijn vastgelopen?

Er ligt een verlamde bedelaar bij de poort van de tempel. Misschien zijn wij het wel. Of is het precies die samenleving die zo is vastgelopen deze dagen? Die bedelaar wordt dagelijks bij de poort gelegd in de hoop op wat aalmoezen. Dat is het enige wat hij nog kan: zijn hand ophouden opdat hij zijn bestaan kan voortzetten. Heel veel meer verlangt hij niet. Hij zou niet weten wat hij nog meer zou moeten verlangen. Dit is het wel zo ongeveer in zijn eendimensionale bestaan.

Maar dan zijn daar die apostelen, Petrus en Johannes. Zij die zijn aangestoken door het visioen van Jezus. Ze zien de bedelaar. En in hem die verlamde mens die geen kant meer uit kan. Die zichzelf tot tegenstander geworden is. En het eerste dat deze apostelen aan die bedelaar zeggen is: kijk naar ons! Petrus nodigt hem uit verder te kijken dan zijn eigen verlamming. En vervolgens spreekt hij die beroemde woorden: ‘Zilver en goud heb ik niet, maar wat ik heb dat geef ik je. In de naam van Jezus: sta op en wandel!’

De bedelaar krijgt waar hij niet om heeft gevraagd. Zijn verlamming was dat hij niet verder kon denken dan zijn eigen bestaan. Meer hield hij niet voor mogelijk. Die aalmoezen hielden hem verlamd. Zoals ook vaak onze eigen oplossingen de vastgelopen systemen alleen maar bevestigen. Wat hij nodig had, kon hij niet bedenken. Het kwam op hem toe vanuit een andere wereld. Door de naam van een die bevrijder van mensen wordt genoemd. Die naam maakt dat hij op slag opspringt en wandelt. Over transitie gesproken.

Daarover gaat het aanstaande zondag. Met het derde hoofdstuk uit het boek Handelingen en kostelijke celloklanken.

In de hoop op een daadwerkelijke uittocht uit alles wat ons verlamt.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze Zondag

Deze Zondag
Lopend vuurtje

‘Niet ik heb het geloof gevonden, maar ik heb het gevoel dat het geloof mij gevonden heeft…’ Zo vatte in het voorbereidende gesprek voor de Pinksterdienst van aanstaande zondag een van de belijdeniskandidaten haar beweegredenen samen. En daarmee raakte zij volgens mij precies aan de kern van het Pinksterfeest. Er gebeurt iets van de andere kant. En dat zijn we een beetje verleerd deze dagen vol geloof in maakbaarheid en autonome vrijheid. Niet ik vind, maar ik word gevonden door een vreemde verrassing die ikzelf niet georganiseerd heb. Iemand anders sprak over hoe hij na tijden van crisis ineens tot zijn verbazing ontvankelijk werd voor de woorden van de Schrift. Er komt iets taligs op je toe dat je raakt en je herkent alsof het speciaal voor jou tot klinken wordt gebracht. Treffende omschrijvingen van Pinksteren. Een en al feest van verbeelding!

Ons Pinksterfeest heeft zijn wortels in dat bevrijdende oerverhaal van Exodus. Het wordt ook wel het feest van de gave van de Tora genoemd. Op die woestijnberg klinken ineens tien woorden die laten horen dat deze wereld anders kan. En dat wij niet langer meer slaven zijn maar medemensen. Barnard noemt het de roepingscode voor het nieuwe bestaan. Gegeven in de woestijn voor alle volken, zeggen de rabbijnen. ‘Die ene stem op de berg verdeelde zich in zeven stemmen en die verdeelden zich op hun beurt in zeventig talen’, aldus Rabbi Jochanan.

Die taal van bevrijding is geen bubbeltaal. Het is een taal die universeel verstaanbaar is. Niet bedoeld voor een kerkje of clubje zekerweters. Maar bedoeld voor alle mensen die zich zomaar laten vinden door iets waar zij misschien wel helemaal niet naar zochten.

Die taal van bevrijding vinden we deze dagen ook in de straten van Sint Petersburg. Het krijgt vorm in kleine demonstrantjes van klei, papier en draad. En het worden er steeds meer. Op het eerste gezicht te verwaarlozen tekenen van protest tegen een oorlog die almaar meer slachtoffers eist. Maar ze gaan als een steeds sterker wordend lopend vuurtje en worden nu zelfs in Moskou opgemerkt. Kleine tekenen van mensen die zich niet willen neerleggen bij hoe het gaat. Kleine Pinkstertekenen zijn het van mensen die zich vrij genoeg voelen om het er niet bij te laten zitten.

We gaan het vieren. Met belijdenis en doop. Begeleid door Oekraïense harpklanken. Dat het wordt als een lopend vuurtje van hoop op een andere wereld...

Ad van Nieuwpoort
 
 
Deze zondag

Deze zondag
Ruth als adventsbruidje

‘Het huidige Nederland is in de ban van een koortsachtige zoektocht naar de continuering van individueel welzijn’, aldus Mathieu Segers in een zeer lezenswaardig essay in De Groene. ‘Maar die zoektocht’, zo stelt hij, ‘speelt zich af in een omgeving die ervaren wordt als een omgeving van collectief verval. In een dergelijke situatie wordt de individuele ervaring, liefst gedefinieerd als geluk, de maat der dingen’. Het besef dat een mens een relationeel wezen is, die niet zonder de ‘hulp’ van een ander kan, dreigt daardoor geheel te worden vergeten. Met alle schrikbarende gevolgen van dien. We plukken er in deze crisis de wrange vruchten van.

Het verhaal van Ruth opent ons een leefwijze waarin niet het individuele welzijn leidt tot geluk maar de ontmoeting met de ander. In haar leeft het besef dat er geen toekomst is zonder de ander. En daarom gaat zij erop uit, vol verwachting. Haar toekomst, zo zal blijken, heeft alles te maken met de toekomst van de mensheid. In het kleine verhaal van haar zoektocht naar de liefde, wordt het grote verhaal van ons allen verteld.

Een kostelijk verhaal is het, vol erotische zinspelingen. ‘De erotische liefde is een wijze waarop wij naastenliefde kunnen leren’, zo schrijft Miskotte. Het is een bekend maar vergeten motief in de Schriften van Israël. Daar op die dorsvloer wordt gevonden waar elk mens naar hunkert: vleugels om onder te kunnen schuilen. Een mens die jouw levensbeker vult met het goede. Opdat je kan opstaan uit je misère, uit je cynisme, uit je verdriet.

De adventsbruid breekt met haar gang een nieuwe toekomst open. Een tijd waarin de vredeskoning David ons tegemoet treedt om ons nieuwe hoopvolle wegen te wijzen uit de gevangenschap van de gesloten individualiteit.

We komen al een beetje in Kerstsferen met het a-capellakoor Close to Kloos. Want wat er ook gebeurt: Kerst kondigt zich aan. Dat kan geen enkel virus tegenhouden.

Ad van Nieuwpoort

 
 
Deze zondag

Deze zondag

Betere weerstand

Afgelopen week hebben we met een zucht van opluchting afscheid genomen van een tweedrachtzaaier. Dat is een zegen maar schept tegelijk ook een geweldige verantwoordelijkheid. Want hoe voorkomen we dat we opnieuw ten prooi vallen aan tweedrachtzaaiers? En hoe zit het met de tweedrachtzaaier in onszelf? ‘Verbinden’ is een mooi en geliefd woord, maar hoe doe je dat als je alleen gelooft in jouw eigen gelijk?

Aanstaande zondag komen we in het verhaal van Lukas ook een tweedrachtzaaier tegen. Als de Messiasman veertig dagen niet gegeten heeft en in een diepe crisis verkeert, komt die ‘in- de-war-schopper’ tevoorschijn. Die tweedrachtzaaier is dol op een crisis. Daar smult hij van. Want dan kan hij namelijk geruisloos doen wat hij wil. Als niemand het meer weet, als elk ankerpunt is vergeten dan komt hij op de proppen om zijn vernietigende werk te doen. Op het moment dat je aan het eind van je Latijn bent, komt er zo’n stemmetje dat je naar beneden wil halen. Dat jou wil wegtrekken bij het ware leven.

Maar de Messiasman biedt weerstand. Hoewel hij op de bodem van de afgrond verkeert, weet hij de verwarder van zich af te slaan en overeind te blijven. Hoe komt hij aan die stevige weerstand? Het zijn de schriftwoorden van bevrijding die in hem hun werk doen. Maar het is ook die ene stem die hij hoorde toen hij kopje onderging in het verlieswater van de Jordaan. Een stem die zei: ‘Jij bent geliefd! Weet dat!’.

Hoe voorkomen we dat ook wij in de crisis waarin wij verkeren, zomaar ten prooi vallen aan de tweedracht in onszelf en om ons heen? Door terug te keren tot de liefde die ons het eerst heeft liefgehad, zo wil het verhaal. Als we ons daardoor laten leiden, houden we vaste koers in wankele tijden.

Aanstaande zondag lezen we het verhaal van de verzoeking in de woestijn. Toepasselijker kan haast niet. En twee cellisten troosten ons met Vivaldi en Saint-Saëns.

Voor een betere weerstand.
 


Ad van Nieuwpoort
 

 
Dit Kerstfeest

Dit Kerstfeest
Een booster van hoop

‘Er begint zich steeds meer een gevoel van moedeloosheid in de maatschappij te nestelen’, aldus de Paul Depla, onlangs in de Volkskrant. ‘Aan het begin van de crisis zagen we nog veel veerkracht bij burgers, bedrijven en organisaties. Er werden allerlei creatieve oplossingen bedacht om ontmoetingen en activiteiten mogelijk te maken en geld te kunnen blijven verdienen. Maar inmiddels lijkt de rek eruit. Mensen zijn murw geworden. Ze gaan niet eens meer demonstreren, maar trekken zich terug.’

Murw. Veel tunnel, weinig licht. Het is het gevoel waar ook de schrijver van het Kerstevangelie mee inzet. Hij begint met twee stokoude mensen zonder uitzicht. En met een wereld in de greep van een Keizer die zijn spierballen wil meten. Het is een thema door heel dat bijbelse verhalenboek heen. Die tunnel zonder licht krijgt ook taal in het boek Ruth dat we de afgelopen weken met elkaar lazen. Ook daar werd een mens geschilderd zonder hoop en zonder uitzicht. Naomi die alles kwijtraakte wilde alleen nog maar Mara genoemd worden: bitter. Murw. Het krijgt door heel de bijbel heen taal.

Maar daar blijft het niet bij. Waar niemand meer hoopt en waar de berusting regeert, gebeurt iets dat alles in een ander licht zet. Een Stem van boven breekt binnen in een bezette wereld. In het verhaal van Ruth heel impliciet, in het verhaal van Kerst expliciet. Ineens breekt door de kale plekken van de bestaande orde heen het licht door. Licht dat schijnt op een klein, onaanzienlijk verhaal van twee mensen die een weg gaan naar nieuw leven. Het is het verhaal van Ruth en Boaz, van Jozef en Maria. Hier gaat het niet zozeer om het krijgen van een kindje, hoe mooi ook. Hier gaat het over de mogelijkheid van een nieuw begin. ‘Nataliteit’ noemt de filosoof Hanna Arendt dat. Met andere ogen leren kijken. Ontvankelijk worden voor een dimensie die wij zelf niet organiseren kunnen.

Op de Sixtijnse Kapel zien we ergens het beeld van een oude Madonna met kind. Eerst denk je dat het Maria is met het Christuskind. Maar het is de oude Naomi met aan haar borst Obed. In dat beeld wordt alles samengevat. Wat dood leek te lopen is geopend naar de toekomst. Daarover gaat Kerst, daarover gaat ons leven vandaag.

Dit keer opnieuw Kerst in een heel klein verband, met een paar mensen, wat kinderen die zingen, mooie muziek van Hermine Deurloo en Rembrandt Frerichs en een verhaal dat ons een booster van hoop geeft.

Vier het graag online mee en weet dat we ons intens met u verbonden weten.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Ga, jij!

Ga, jij!
Hoe maak je je los uit beknellende en vernederende patronen? Hoe vind je de moed om te breken met wat jouw menswording in de weg staat? Daar is niet zomaar een antwoord op te vinden. En in de praktijk blijkt dat de antwoorden op deze vragen je nauwelijks verder helpen. Grote voornemens om het anders te gaan doen, blijven vaak steken. Het oude en vertrouwde blijft aan je trekken. Vele vernieuwingen vallen vaak weer terug in oude structuren. Wie waagt het ook een weg in te slaan waarvan hij zelf niet weet waar die toe zal leiden?
lees meer »
 
Deze weken... Deze weken...
Radio interview met Ad van Nieuwpoort, Thuis op 5.

Luister hier het interview

Nederlandse kerken zouden hun kerkgebouwen als priklocatie moeten aanbieden. Daartoe roept predikant Ad van Nieuwpoort op. Volgens de Haagse dominee kan de kerk, die de laatste tijd toch negatief in het nieuws is, hiermee midden in de samenleving staan. En de wachttijd voordat er een prik met het coronavaccin wordt gezet is ook een stuk aangenamer in zo'n mooie, oude kerk, vertelde hij tegen Gerja Wolf toen die hem belde in Thuis op 5.
 
Deze zondag

Deze zondag

Kom uit die boom!

Doen wij in ons leven waartoe wij geroepen zijn? Een steeds weer terugkomende vraag die opduikt als je bijbel probeert te lezen als een moreel appèl. Hoe vaak hebben we niet het idee dat we iets doen dat op grote afstand staat van wie wij zijn? Dat je iets doet omdat je denkt dat het moet. Of vooral om te kunnen voldoen aan wat anderen belangrijk vinden. In de gesprekken die ik deze week voer met jonge politici merk ik dat het begrip roeping weer nieuw leven krijgt. Goede banen, glansrijke carrières worden verlaten om een bijdrage te leveren aan onze samenleving. Heel hoopvol en inspirerend. Nooit gedacht dat gesprekken met politici mij zoveel hoop zouden geven.

In het verhaal van komende zondag gaat het over Zacheüs. Zijn naam betekent: reine, onschuldige. Hij is geroepen om een rechtvaardige te zijn, maar het is hem niet gelukt. In de verkeerde baan gerold. Heel succesvol. Bijzonder rijk geworden. Maar er ontbreekt iets. Iets wezenlijks. Maar hij weet niet goed wat. En daarom hoopt hij dat ene Jezus hem verder kan helpen. Een wilde vijgenboom doet wonderen. Hij kan zich blijven verbergen en heeft tegelijk mooi zicht. Vanuit die boom moet Jezus wel in beeld komen.

Zacheüs is vastgezet door de mensen in het beeld van vuile graaier. Niemand noemt hem meer bij zijn naam. Hij is een soort geworden waar je al je frustraties op kan botvieren. Iedereen doet er aan mee. Hij is gevangen in een oordeel. En daar is hij zo langzamerhand aan gaan wennen. Maar eenzaam is deze mens wel. Eenzaam in zijn scheefgegroeide leven. Totdat hij wordt aangesproken. Iemand zoekt hem op waar hij zit. Iemand noemt hem bij zijn naam. Niet om het te veroordelen, maar om hem te ontmoeten. In liefde. In ontferming.

En zo wordt die uitgekotste Zacheüs zomaar tot een medemens met een hart vol liefde. Omdat er iemand was die hem niet veroordeelde maar hem bij zijn naam noemde. Het is precies waar wij allemaal naar smachten.

Aanstaande zondag klimmen we met Zacheüs in de vijgenboom van de Duinzichtkerk. Op hoop van zegen.

Ad van Nieuwpoort

 
Namen gedenken

Namen gedenken
Met trillende handen opende ze het fotoboek. Ik zie het nog gebeuren. Haar man was vijf jaar geleden overleden. Zijn laatste jaren waren een lijdensweg vol eenzaamheid en duisternis geweest. Sinds zijn overlijden kon zij aan niets anders meer denken dan aan die laatste moeizame strijd. Alle goede en lichte herinneringen werden er steeds door weggedrukt. Ze kon er eenvoudigweg niet meer bij komen. Als ik haar vroeg naar die herinneringen, stelde steeds weer dat einde zich present. Tot dat fotoboek tevoorschijn kwam. Beelden van gelukkige, inspirerende jaren. Herinneringen aan licht en liefde. Kleine monumentjes die wonden konden helen.

Hoe gedenken wij onze dierbaren? In het verhaal van Abraham zien we hem wenen om de dood van zijn Sarah. Maar Abraham blijft niet bij de pakken neerzitten. Abraham staat op, zo staat er. Hij staat op om voor zijn Sarah een beloftevolle plaats te bereiden. Een stukje hemel op aarde waarin Sarah een teken kan worden van dat grote visioen van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Sarah als kiem waarmee het land van belofte in beeld komt.

Alles op alles zet Abraham om dat mogelijk te maken. Al kost het hem een behoorlijke duit: met de begrafenis van Sarah luidt hij een nieuwe toekomst in. Want door haar krijgt hij voor het eerst grond onder de voeten. En daarmee heeft de dood van Sarah niet het laatste woord, maar luidt het een nieuwe tijd in. Haar gedachtenis wordt letterlijk tot zegen.

Met dit verhaal willen wij komende zondag de namen gedenken. Niet alleen als tekenen van gemis en verlies, maar juist ook als tekenen van zegen en inspiratie. Daarom steken we bij elke naam ook het Paaslicht op. Opdat wij niet vergeten wat in hun naam besloten ligt.

Het ‘Kol Nidrei’ van Bruch wordt gespeeld en zachtjes zingen we mee met wat Barnard ons voorzong:

Zij raken niet vergeten
die over zijn gegaan
tot U, want in uw heden
bewaart Gij hun bestaan.    

Ad van Nieuwpoort
 
Vertrouwen

Vertrouwen
Facebook komt volgend jaar met een slimme bril. Een bril die zijn drager informatie verschaft over wat hij door de die bril ziet. Kijk je naar een toren, dan zie je hoe hoog die toren is, wanneer die is gebouwd en door wie. Geweldig handig. Het principe van de bril heet: Augmented Reality (AR): de bril legt een laag over de werkelijkheid heen en bepaalt hoe je de dingen ziet. Fijn misschien met torens en monumenten. Maar voor je het weet betreft het ook mensen. Alle data die bekend zijn springen in het oog als je een ander ziet. Kan je meteen bepalen wat voor vlees je in de kuip hebt. Geen verrassing meer, niets om je over te verwonderen. Alles ingevuld. Weg openheid. 
lees meer »
 
Deze zondag...

Deze zondag...
Wat is je roeping?

‘Zeg even wie je bent en wat je roeping is in het leven’. Met die ondeugende vraag wil ik nog weleens een kringgesprek beginnen. Altijd spannend hoe dan de reacties zijn. Ik zie soms de verbazing op de gezichten: ik? een roeping? Is dat niet voorbehouden aan de geestelijkheid? Joost Röselaers schreef er onlangs een goed stuk over in het FD. Wat is je roeping in het leven? Niet zo gek daar eens bij stil te staan. Waarin wil je het verschil maken in deze wereld? Het is een vraag die in elke leeftijdsfase gesteld kan worden. Misschien elke week wel even. En daarbij komt dan ook de vraag of datgene wat je doet wel past bij wie je bent. Of, om het bijbelser te zeggen: kom je wel tot je bestemming? Waarvoor zijn we bedoeld?

Dat zijn ook de vragen in het grote Abrahamverhaal. Een verhaal dat gaat over menswording. Abraham is geroepen om tot een zegen te zijn voor alle geslachten van de aardbodem. Dus ook voor ons, zo knipoogt de verteller ons toe. Dat is nogal een pretentie. Maar waarin zal hij ons dan tot een zegen zijn? ‘Door de kinderen na hem te leren de weg van de grote liefde te bewaren’, zo horen we. En hoe bewaren we dan die weg? Door gerechtigheid te doen! En dat is precies wat het is. Een rechtvaardige is iemand die deugt. Dat dit een scheldwoord is geworden, zegt veel over vandaag. Een rechtvaardige is een mens die zijn roeping verstaat en doet waartoe die is bedoeld. Zoals een auto het moet doen, zo moet ook een mens het doen.

En daarom waagt Abraham het uiterste van zijn god te vragen. Laat toch deze wereld niet ten ondergaan vanwege die ene rechtvaardige. Degene die wel doet wat moet gedaan. Die ene die laat zien wat een waarachtig mens is. Iemand die geen vrede kent als niet iedereen in vrede leeft. Zoiets. Abraham blijkt met al zijn ongeduld zelf een rechtvaardige te zijn.

Abraham is een zegen voor ons in schrale tijden. Hij houdt ons bij de les en schudt ons wakker. Dat gaan we aanstaande zondag beleven. Met drie maal tien binnen en velen online buiten. Een altviool en cello begeleiden hem met de goddelijke muziek van Mozart. We hebben zo’n wake up call wel nodig deze dagen.

Ad van Nieuwpoort

 
 
Deze zondag...

Deze zondag...
Foto: Corona shadows, Michiel Goudswaard

Tegengif


Soms kan een crisis je zo gevangenhouden, dat je de moed niet meer hebt om eruit te komen. En dan loop je het gevaar dat je eraan gaat wennen. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Of je gaat er zó naar staan, dat je er gehecht aan raakt. Dat je er niet meer zonder wilt en kunt. Zo lijkt het.

Dat lijkt Lot te overkomen in het zo vaak misbruikte verhaal over Sodom. De burgerlijke kerk heeft er een waarschuwing tegen homoseksualiteit in gelezen en hield daarmee dit verhaal op veilige afstand. Maar daar gaat het helemaal niet over. Het gaat in dit verhaal over het kwaad van Sodom dat zich samenbalt in de verkrachting van de humaniteit. Sodom, zo wil het verhaal, is de plaats waar alles wat menselijk is met voeten wordt getreden. De plaats waar medeleven, kwetsbaarheid, barmhartigheid en liefde scheldwoorden zijn geworden. Wie in Sodom niet wint is een ‘loser’. En wie zich om een ander wil bekommeren is een ‘deugmens’. In Sodom is geen plaats voor waar het in het leven om zou moeten gaan.

Lot is er gaan wonen. En als de rechtvaardige in hem wakker wordt, komt Sodom in al zijn duisternis aan het licht. Sodom blijkt de hel. En JHWH doet er alles aan om Lot daar weg te krijgen. Alles op alles zet hij. Maar Lot talmt. Hij aarzelt. Hij heeft er moeite mee de grote crisis achter zich te laten. En zijn vrouw evenzo. Zij durft de bevrijding niet aan en wordt een zoutpilaar.

Lot wordt bij de hand genomen om zijn doodlopende weg te verlaten en op zoek te gaan naar het goede leven. In hem gaat het over ons. Durven we de bevrijdende roepstem ten leven te volgen of verkiezen we de benauwdheid? Het blijkt een uiterst actuele vraag deze dagen.

Aanstaande zondag komen we samen rond dit verhaal dat het licht wil aansteken in ons, soms zo donkere hart. En Hadewych de Vos speelt Bach. Noodzakelijk tegengif in schrale tijden, lijkt me.

Ad van Nieuwpoort
 
 
Overdenking uitgesproken bij de gedachtenis Niek de Graaf

Overdenking uitgesproken bij de gedachtenis Niek de Graaf

Gedachtenis Niek de Graaf

Overdenking uitgesproken bij de gedachtenis Niek de Graaf door Ad van Nieuwpoort op 11 november 2020
 
lees meer »
 
Ritselruimte

Ritselruimte
‘We missen deze dagen ritselruimte’, zo schrijft FD-columnist Roland van der Vorst. En met die ritselruimte bedoelt hij de ruimte tussen efficiënte bezigheden. Ritselruimte is essentieel voor innovatie en creativiteit. Het is de ruimte voor het onverwachte, het spontane, de ruimte voor een nieuw perspectief. En helemaal sinds corona rondwaart, moeten we precies die ritselruimte zo missen met al onze online meetings en strak geregisseerde bijeenkomsten. Het begint ons zo langzamerhand op te breken. Ook als kerk. 
lees meer »
 
Gewoon heilig

Gewoon heilig
‘Gewone dingen heilig maken’, zo karakteriseerde Rosanne Hertzberger onlangs de onopgeefbaarheid van de kerkdienst in Coronatijden. Ze deed dat na een tumultueuze week rondom ‘Staphorst’ waarin heel seculier Nederland viel over het feit dat kerkgemeenschappen tegen de klippen op toch ondanks alle maatregelen bleven samenkomen. Nou heb ik niet de behoefte hier een kerk bij te vallen die ondanks alle waarschuwingen toch met zeshonderd kelen de Psalmen blijft zingen, maar Hertzberger heeft wel een punt. De kerk is niet zomaar een horecagelegenheid maar, zo wil de traditie, een plaats waar we een Woord kunnen vernemen dat levend maakt. En natuurlijk kan dat op vele plaatsen en ook online, maar die goede gewoonte om wekelijks even stil te staan om samen met anderen dat verhaal hoog te houden dat we nergens anders horen kunnen, is wel degelijk onopgeefbaar. In de grootste crises van onze geschiedenis waren de kerken vol omdat men woorden van hoop en troost zocht. Ankerpunten in wankele tijden. Hertzberger zag die naar de kerk wandelende mensen als een hoogtepunt in deze crisis. Ik vond dat natuurlijk wel mooi. Ook hoe wij dat nu deze weken proberen te doen. Heel gedisciplineerd proberen we op goede afstand, uiterst veilig en maar met z’n drie maal tienen zonder zang toch stilletjes de lofzang gaande te houden in deze schrale tijden. En in onze gebeden gedenken wij degenen die alles op alles zetten en overuren maken om de zorg te bieden die nodig is. En gedenken wij onze overheid en in het bijzonder ook onze premier die de zware taak heeft dit land door deze crisis te loodsen. Daarom is het wel goed dat wekelijks ook in onze wijk de klokken blijven luiden om de gewone dingen heilig te maken.
Ad van Nieuwpoort