Duinzichtgesprekken

Duinzichtgesprekken
   Impressies, want een kort verslag maken van dit boeiende “gesprek” is ondoenlijk. Het was een conference die Freek gaf, in twee delen. Eerst naar aanleiding van zijn boek Kom verder over zijn grootvader, evangelist, en over zijn vader, predikant. Vervolgens in  gesprek met Ad. Grootvader was veldarbeider op een Zeeuws eiland en kreeg in 1900 zomaar in het veld een goddelijke roeping, daarbij geholpen door een zakbijbeltje dat hij van de bovenmeester had gekregen. Hij verliet Zeeland, werd bijbelcolporteur, later evangelist. De zoon, Freeks vader, ging in 1935 theologie in het voor hem als provinciaaltje overdonderende Groningen studeren, geinspireerd door professor Van der Leeuw, met wie hij een zekere belangstelling voor mestkevers – heilige dieren, die scarabeeen – deelde.  Maar meer nog dan dit, zette Van der Leeuw de jonge student tot studie aan door hem bij  hun eerste ontmoeting, toen hij de kamer van Van der Leeuw betrad, toe te roepen: kom verder. Dat “verder” vooral, dat vatte hij niet alleen als een hartelijk welkom op, maar ook als een belofte voor de toekomst.
   De vroeg overleden vader werd predikant. In 1950 werd het gezin getroffen door een ramp: de tweeling stierf. De Jonge zelf leidde de uitvaartdienst “omdat niemand dat beter zou kunnen”.
Voor Freek is hier een soort zoektocht naar de macht van het woord ontstaan. Niet omdat hij zich de preek herinnerde, maar omdat zijn vader, gevraagd naar wat hij toen vanaf de kansel had gezegd, daarop antwoordde: ik weet het niet. Die woorden zijn Freek tot op de dag van vandaag bijgebleven N et als dat “kom verder”.  Vader was een zachtmoedig, verlegen mens,  orthodox-bevindelijk (later voor de doorbraak), geen verzetsheld in de oorlog. Maar na de dood van die kinderen werd hij een ander mens, een dominee in de breedste zin van het woord, empathischer. Werd hierdoor de tegenstelling tussen de eenvoudige grootvader met zijn heuse roeping en vader met een academische opleiding kleiner?
   De macht van woorden dus fascineert Freek, Eenzelfde woord kan hier zo goed en daar zo slecht vallen, wonderlijk. In het memoriam dat vader schreef bij de dood van Van der Leeuw ging hij, Freeks vader dus, in op de Babylonische spraakverwarring. Naarmate de dingen ingewikkelder worden, neemt de spraakverwarring toe. Een mysterie. Noemen we tegenwoordig probleem. En als we voor een probleem een oplossing hebben bedacht, ontstaan er twee problemen en dan heb je opnieuw een mysterie.
   Kan je achter dat mysterie komen, vraagt Ad. Wat is de bron? Volgens Freek nee. Je komt er niet achter. Een eindpunt of oplossing is niet te bereiken. Je moet het hebben van de weg ernaartoe, de zoektocht. Kom verder. Dat vraagt permanente moeite en inspanning. Daardoor wordt het leven juist de moeite waard. Als je iets hebt gepresteerd, geeft dat positieve energie, die ook naar je medemensen doorstraalt. De individuele mens is veelal niet instaat iets fundamenteels te veranderen, de wereldvrede tot stand te brengen bijvoorbeeld, maar hij kan wel kleine, betekenisvolle stappen zetten, zoals een Oekrainer in huis nemen.
   Wat heb je van je vader meegekregen, was een prangende vraag uit de zaal. Freeks antwoord ligt besloten in een gedicht dat hij als afsluiting voordraagt. Als jongetje met vader naar de kerk gaan. In de ban van diens stem heeft het jongetje van de dienst niets begrepen, maar alles gehoord.

Jan Suyver
 
terug